Alle berichten van sjoerd

Kijk om je heen

Iemand uit mijn facebookkring schreef een tekst onder de titel ‘Niets is wat het lijkt’. Daarin vertelt hij over een virus dat bewust de wereld in is geholpen, dat agenten bewust rellen uitlokken en dat alle maatregelen die genomen worden overbodig zijn.

Dit doet pijn.

Pijn vanwege een vriend van mij die bij de politie werkt en keihard werkt om andermans veiligheid te waarborgen. Tegen vandalen die menen dat protesteren hetzelfde is als stenen gooien, ramen inslaan en spullen van anderen vernielen. 

Pijn vanwege de zorgmedewerker, die dagelijks te maken heeft met ziekte en sterfte vanwege Corona. Mede hierdoor kan de reguliere zorg niet altijd meer gegeven worden.

Pijn vanwege de mensen die in de horeca of detailhandel werken en moeten toezien hoe hun zaken vernield worden. 

Maar vooral pijn omdat het in mijn ogen onnodig afbreuk doet aan het land waar we met elkaar wonen.

Het is verdrietig om te zien dat er zoveel argwaan en wantrouwen is. Tegen de overheid, tegen de politie, tegen de zorg. Maar het maakt mij vooral kwaad dat mensen hier misbruik van maken. Door met complottheorieën te komen. Door mensen bewust tegen elkaar op te zetten. 

Ons prachtige land wordt op deze manier stukje bij beetje kapot gemaakt. En dat valt niet te accepteren. Dat wordt terecht hard aangepakt. Vrijheid van meningsuiting is een groot goed. Recht op demonstratie ook. Maar daar hoort een verantwoordelijkheid bij. Precies dat maakt het verschil. 

Neem je die verantwoordelijkheid niet, dan maak je ons land en alles wat door zoveel mensen is opgebouwd moedwillig stuk. Dát is waar populistische politici voor staan.  

Ik hoop dat anderen deze verantwoordelijkheid wél nemen. Luister naar elkaar. Luister naar wat er leeft. Zet anderen niet weg als wappies en gekkies. Want we weten inmiddels heel goed wat er gebeurt als ontevredenheid wordt gevoed door nepnieuws en indoctrinatie.

Dat is waarom de aankomende verkiezingen extra belangrijk zijn. Zoals De Dijk al zong: ‘Tuurlijk zijn er hufters… maar kijk om je heen, wij zijn er ook nog, wij zijn met de meesten.

Hopelijk komen we weer nader tot elkaar, via het woord. Want laten we het over één ding eens zijn: dit land mág en zál niet kapot worden gemaakt door een kleine groep relschoppers die door middel van geweld hun stem willen laten horen. 

Een stem laat je hóren. In een gesprek, in de krant, of bij verkiezingen. Gebruik dat recht.

Wij zijn er ook nog 
Wij zijn met de meesten
Met mensen die snappen hoe je als vriend
Door de verschillen heen over de grenzen
Elkaar recht in de ogen kunt zien

Kijk om je heen

(De Dijk, Recht in de ogen)

Perspectief

Perspectief

voor de zorgmedewerker, die al jaren onderbetaald belangrijk werk verricht en waar we afgelopen jaar nog eens duidelijk op gewezen werden

voor de ondernemer in de horeca, die weer wil nadenken over opbouw en nieuwe plannen ontwikkelen

voor de inwoner van Groningen, waar de scheuren in de huizen zijn ontstaan door gasboringen waar heel Nederland van heeft geprofiteerd

voor de patiënt, die op dit moment niet geholpen kan worden wegens gebrek aan zorgpersoneel en capaciteit

voor elk kind, in welk gezin en welke buurt het ook opgroeit. De documentaire ‘Klassen’ brengt de kansenongelijkheid en belang van goed onderwijs mooi in beeld

voor de starter op de woningmarkt, die op dit moment geen enkele kans maakt om een betaalbare woning te vinden

voor de leerkracht, die graag het onderwijs wil bieden dat nodig is maar te maken krijgt met te grote klassen, te veel administratie en allerlei verwachtingen ipv de noodzakelijke ruimte, begeleiding en waardering

voor de gedupeerde van de toeslagenaffaire, die eindelijk eens gerechtigheid verdient

voor de Nederlander, die uitgedaagd wordt mee te doen en verantwoordelijkheid te nemen, maar daar ook de ruimte en passende hulp bij krijgt

vult u de nummer tien aan?

Perspectief

Shame on you (Google translate)

Dear mr President,

Shame on you! That sounds like a small child being scolded. And since you behave like that, that's also an appropriate sentence.

A leader of a free country like the United States represents his or her people. You started with the motto "Let's make America Great again." You can now replace this with "Let's make the Republicans, and only the Republicans" great again. Nothing "America". Only like-minded people deserve your attention and respect.

After four years, you are still not acting like a president but like a little child. A small child who starts to cry in the face of adversity. You don't tolerate criticism, just like-minded yes-men who don't correct you. Because if someone does, they can leave. You think the world can be made, and everything must make way for it.

But take it from me, we all make the world. We need everyone for that: man and woman, republican and democrat, low and high educated, rich and poor. We are the world together.

And you can still lie, cheat and shout so loudly. Ultimately, people will get through you and will triumph over honesty, sincerity, and real leadership.

Let's hope that in four years from both sides two real leaders will emerge to actually make the United States Great again. A country where all residents get fair opportunities. A country that opens up to the world and contributes to the great challenges of the future. Because those challenges concern us all. And then the world is suddenly a small but unique planet in a great universe that we must cherish together.

There is always hope. I can see that in the children I work with on a daily basis. These children are more mature than you do as president. Who have an eye for each other, learn from each other and look into the future together with confidence and with positive ambition. We really don't need people like you for that.

Shame on you!

Shame on you

Beste president,

Shame on you! Dat klinkt als een klein kind die een standje krijgt. En aangezien u zich zo gedraagt is dat ook een passende zin.

Een leider van een vrij land als de Verenigde Staten staat voor zijn of haar volk. U begon met het motto ‘Let’s make America Great again’. Inmiddels kunt u dit vervangen door ‘Let’s make the Republicans, and only the Republicans’ great again. Niks ‘America’. Alleen gelijkgestemden verdienen uw aandacht en respect.

Na vier jaar gedraagt u zich nog steeds niet als een president maar als een klein kind. Een klein kind dat begint te huilen bij tegenslag. U duldt geen kritiek, maar alleen gelijkgestemde jaknikkers die u niet corrigeren. Want als iemand dat wel doet kan diegene vertrekken. U denkt dat de wereld maakbaar is, en alles moet daarvoor wijken.

Maar neem van mij aan, de wereld maken we met zijn allen. Daar hebben we iedereen bij nodig: man en vrouw, republikein en democraat, laag en hoog opgeleid, rijk en arm. De wereld zijn wij met elkaar.

En u kunt nog zo hard roepen, liegen, schreeuwen en bedriegen. Uiteindelijk hebben de mensen u door en zullen eerlijkheid, oprechtheid en echt leiderschap overwinnen.

Laten we hopen dat over vier jaar van beide partijen twee echte leiders opstaan om de Verenigde Staten daadwerkelijk weer Great te maken. Een land waar álle inwoners eerlijke kansen krijgen. Een land dat zich openstelt voor de wereld en een bijdrage levert aan de grote uitdagingen van de toekomst. Want die uitdagingen gaan ons allemaal aan. En dan is de wereld ineens een kleine maar unieke planeet in een groot heelal dat we samen moeten koesteren.

Hoop is er altijd. Dat zie ik aan de kinderen waar ik dagelijks mee werk. Deze kinderen stellen zich volwassener op dan u als president doet. Die oog hebben voor elkaar, leren van elkaar en vol vertrouwen en met positieve ambitie samen de toekomst in kijken. Daar hebben we mensen als u echt niet voor nodig.

Shame on you!

Wij blijven onderwijs verzorgen..

Natuurlijk,

Wij blijven onderwijs verzorgen.

Het kabinet adviseert vooral thuis te werken. Om openbaar vervoer te vermijden en grote gezelschappen, bijvoorbeeld groepen van gemiddeld 28 mensen, uit de weg te gaan. Maar wij blijven onderwijs verzorgen.

Het kabinet adviseert bij neusverkoudheid, hoestklachten, keelpijn of koorts thuis te blijven. Om sociale contacten, zoals een dag lang met 28 anderen in één ruimte verblijven, zoveel mogelijk te mijden. En toch, wij blijven onderwijs verzorgen.

Het kabinet adviseert alle evenementen met meer dan 100 mensen in heel Nederland af te gelasten. Ook musea, theaters en sportclubs krijgen het advies om de deuren de komende weken te sluiten. Restaurants met meer dan 100 zitplaatsen moeten passende maatregelen nemen om besmetting te voorkomen. En wij blijven onderwijs verzorgen.

Het kabinet adviseert dat scholen open moeten blijven. Want bij sluiting zou de maatschappelijke ontwrichting zeer groot zijn, aldus de premier. Dus wij blijven onderwijs verzorgen.

Het kabinet doet nu een beroep op ons, terwijl voor bijna alle andere beroepssectoren anders wordt besloten. Dat is begrijpelijk, want onderwijs is belangrijk.

Ik heb slechts één advies voor het kabinet: als het onderwijs echt zo’n belangrijke spil in de samenleving is, dan wordt het tijd dit ook na deze crisissituatie te laten blijken. Niet met eenmalige investeringen, niet alleen met woorden zoals vandaag. Maar door ons te helpen, met daadkrachtige maatregelen.

Dan weet ik zeker dat elke leerkracht met alle liefde onderwijs kan blijven verzorgen.

Terug naar de kern

Vanavond keek ik naar DWDD. Aan tafel zat Douwe Bob die, met Matthijs en Giel Beelen, terugkeek naar zijn auditie voor ‘de beste singer songwriter van Nederland’. Het programma waarin liedjesschrijvers alleen met gitaar, piano en hun stem liedjes vertolkten. Geen grote show, geen bekende artiesten om duetten mee te zingen, geen sluikreclames en mede mogelijk gemaakt door, geen overweldigende sociale media, geen covers. Nee, gewoon het instrument, de stem en het zelfgeschreven lied.

Matthijs merkte op dat Douwe Bob door de beelden geraakt leek. En hij bevestigde dat. Want hij keek naar een jongen die nog puur vanuit zijn ‘kern’ liedjes schreef en vertolkte. In de loop der tijd had hij veel geleerd en mooie dingen gedaan. Maar op een gegeven moment raakte hij als het ware zijn eigen oorsprong en werd het ‘bagage’. Reden te meer voor hem om zin te hebben in een nieuwe theatershow waarin hij alleen met gitaar (nieuwe) liedjes vertolkt. Terug naar de kern, zo vertelde Douwe Bob, want daar was hij het beste in.

Precies dat deed mij denken aan het besluit om mijn werkzaamheden in het management op de school waar ik werk terug te ruilen. Terug naar de klas. Naar het lesgeven. Proberen te zorgen dat een groep acht met 26 verschillende kinderen nog één jaar met elkaar de uitdaging aangaat om, mét alle verschillen, als één groep elke dag te leren. Te leren van en met elkaar. Samen te zorgen voor een mooie afsluiting van de basisschooltijd. Samen op zoek te gaan naar een fijne nieuwe school voor een nieuwe start. Met vallen en opstaan, want de ene dag lukt dat beter dan de andere.

Terug naar de kern. Doen waar je het beste in bent en wat bij je past. Zoals Daniël Lohues de mooiste liedjes schrijft over zijn Drenthe. Zoals Cruyff en Van Basten met elkaar en de bal op een pleintje in Amsterdam buiten speelden. Zoals artiesten alleen met hun instrument akoestisch de mooiste vertolkingen van hun liedjes spelen. Niet voor niets was de MTV Unplugged serie zo’n succes.

Ik hoop dat veel studenten die nu op de Pabo zitten de kern van het vak waar ze voor kiezen op waarde blijven schatten. Het lesgeven, zorgdragen voor de ontwikkeling van kinderen, dagelijks proberen elk kind in de klas te zien en ze dat laten merken, medeverantwoordelijk te zijn voor de toekomst van een nieuwe generatie. Dat is ‘prachtig moai’ om te doen, zou Lohues kunnen zeggen. Verlies je niet te snel in ambities buiten het lesgeven, in ‘meer uitdaging en stappen maken’.

Goed onderwijs verzorgen ís een uitdaging.

En daar moet het wat mij betreft de komende jaren ook in het onderwijs weer om gaan: terug naar de kern.

 

 

Klik op de afbeelding om het fragment terug te kijken:

Schermafbeelding 2020-03-11 om 20.51.35

Collega, neem de handschoen op en sta voor je vak!

Een aantal jaren geleden was ik op bezoek bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap. Ik stond al een jaar of tien voor de klas, had in allerlei commissies gezeten, hield mij op regionaal niveau bezig met de advisering in groep 8 en de toelatingsregeling naar het VO en was op zoek naar nieuwe uitdagingen. Toevalligerwijs kwam ik bij het ministerie terecht. Ik was benieuwd welke invloed leerkrachten hadden bij de totstandkoming van het onderwijsbeleid. In mijn onderwijspraktijk had ik ervaren wat wel en niet werkte en wellicht kon ik met deze ervaringen een bijdrage leveren.

Al snel werd duidelijk dat daar toen geen mogelijkheden voor waren. Je had in elk geval een universitaire achtergrond nodig om op het ministerie te kunnen werken. Welke richting je had gedaan was niet echt van belang. Onderwijservaring telde in geen geval mee.

‘Hoe houden jullie dan contact met de praktijk?’, was mijn vraag. Het antwoord was simpel: er werd regelmatig met scholen gesproken. ‘Maar op welke wijze dan?’ Ook dat was eenvoudig: regelmatig waren er praatsessies met schoolbesturen.

Laat ik één ding vooropstellen: praten met de bestuurderspraktijk is belangrijk, maar is zeker niet hetzelfde als praten met de onderwijspraktijk. Want we gaan van leerling, leerkracht, directie, bestuurder naar ministerie en slaan dan voor het gemak de eerste drie in deze lijn over. De drie die nota bene het meest direct met de onderwijspraktijk in aanraking komen.

Dit is voor mij een reden om meteen lid te worden van het, maandag 2 maart gepresenteerde, lerarencollectief. Het wordt tijd dat leraren zelf het initiatief nemen en afdwingen mee te mogen praten over het onderwijsbeleid in Nederland. Ik adviseer alle collega’s in het primair onderwijs dan ook snel te volgen zodat het mandaat nog groter wordt.

Overigens, dat betekent meer dan lid worden alleen. Het wordt tijd dat we niet alleen aangeven waar het misgaat, wat beter kan en beter moet. Ook moeten we aangeven op welke wijze dat dan kan. We zullen met zijn allen de schouders eronder moeten zetten. Van klagen alleen wordt niemand beter.

Ik heb het al eerder geschreven: het onderwijs is een prachtvak. Althans, dat zou het voor elke leerkracht, elk kind en elke ouder moeten zijn. Willen we meer goed opgeleide, betrokken en enthousiaste collega’s erbij krijgen dan zullen we dat beeld ook moeten nastreven en uitstralen. Door hier zélf een bijdrage aan te leveren. Of zoals door Alexander Rinnooy Kan in zijn ‘Verkenning Leraren’ wordt beschreven:

”Leraren verdienen een stevige positie. Deze positie wordt pas echt verworven als sprake is van een krachtige en zelfbewuste beroepsgroep die in hoge mate zelf de inhoud van het beroep en de opleidingen stuurt en bepaalt, een beroepsgroep die trots is op het beroep en dat breed uitdraagt.” 

Neem je eigen vak serieus. In de klas, in de school en ook naar buiten toe de maatschappij in. Neem de handschoen op en sta voor je vak.

Zoals het lerarencollectief vertelt: ‘Van speelbal naar speler; wij gaan het sámen zélf doen!’

Succes na het advies in groep 8

Deze week voerde ik met 26 kinderen en hun ouders adviesgesprekken. Elk jaar is het weer bijzonder om met kinderen te praten over hun ontwikkeling en de spannende volgende stap in hun nog jonge leven: op weg naar de middelbare school. In het nieuws wordt er van alles over geschreven. Het advies komt te vroeg, ouders voeren de druk te hoog op, leerlingen zouden te veel afstromen.

Jarenlang gebruikte ik twee oud-klasgenoten als voorbeeld om te duiden dat groep 8 niet het eindstation is. De een kreeg mavo-advies, ging daarna naar de havo en maakte twee rechtenstudies af. De ander startte op het vwo, wisselde van opleiding en werd schilder. Met andere woorden: alles is nog mogelijk als je op de middelbare zit. Totdat vorig jaar iemand tegen mij zei dat ik met dat verhaal precies het denken bevestigde waar ik eigenlijk vanaf wilde. En die spiegel zette mij tot nadenken.

Want wanneer ben je succesvol?

Ik denk dat de vraag stellen eenvoudiger is dan het antwoord geven. Maar laat ik het toch weer met twee voorbeelden proberen:

Je bent succesvol als je goed bent in wat je doet en daar energie uit haalt. Of dat nou schilder is, leerkracht, advocaat of financieel analist.

Je bent succesvol als je, in de momenten dat je echt invloed kunt uitoefenen op je eigen leven, dit dusdanig doet dat het bijdraagt aan je eigen geluk. Je hebt niet alles in de hand, maar als je de mogelijkheid krijgt om je leven vorm te geven zoals jij dat wilt dan moet je die met twee handen aanpakken.

Bij de uitzending van OP1 woensdag 12 februari was Amy van der Ham te gast. Zij schreef een boek over het vmbo-imago en het najagen van je dromen. In de uitzending maakt ze duidelijk dat het vmbo niet gelijk staat aan minder kansen. Ze geeft  aan dat ze daar wel degelijk op haar plek was binnen ons onderwijssysteem. Dat je vooral moet kijken naar de manier waarop je leert en van daaruit kunt ontdekken waar je goed in bent en wat je wilt bereiken.

Wat een mooi uitgangspunt is dat voor docenten. Help de leerlingen bij dit proces en zorg dat ze ook daadwerkelijk invloed kunnen en willen uitoefenen op hun eigen ontwikkeling en in zichzelf geloven. En ouders zijn onmisbaar in de steun die ze daarin kunnen geven.

Laten we stoppen met het gebruik van termen als opstromen, afstromen, hoogopgeleid en laagopgeleid.

Mijn twee oud-klasgenoten hebben allebei een baan waar ze goed in zijn, vrienden om zich heen, een mooi huis en een prachtgezin. Dát noem ik succesvol.

Niet weer op de schop! (artikel HD)

’Definitief schooladvies pas in het derde jaar middelbare school’, kopten de kranten onlangs. Als basisschoolleerkracht van groep 8 en lid van de werkgroep die in Zuid-Kennemerland de toelatingsprocedure van basisschool naar voortgezet onderwijs vormgeeft, plaats Sjoerd van den Berg vraagtekens bij dit plan en blogt daarover op sjoerdvdberg.nl.

Uit het nieuwe plan om schooladvies pas in het derde jaar van de middelbare school te geven, spreekt dat vermoedelijk weinig basisonderwijsorganisaties hebben meegedacht. Basisschoolleerkrachten weten als geen ander hoe moeilijk het is om in groepen van bijna 30 kinderen aan te sluiten bij de ontwikkeling van ieder kind.

Uit het plan spreekt dat vermoedelijk weinig basisonderwijsorganisaties hebben meegedacht. Basisschoolleerkrachten weten als geen ander hoe moeilijk het is om in groepen van bijna 30 kinderen aan te sluiten bij de ontwikkeling van ieder kind. Toen ik ruim achttien jaar geleden begon met lesgeven ontstond de tendens om in drie niveaugroepen te werken om op die manier rekening te houden met de verschillen tussen kinderen. Met de komst van passend onderwijs (onderwijs dat leerlingen uitdaagt en uitgaat van hun mogelijkheden, daarbij rekening houdend met de extra ondersteuning die zij nodig hebben) zijn die verschillen groter geworden. En de eisen die aan de leerkrachten gesteld worden ook. Uitdagend onderwijs, gesprekken over de ontwikkeling van de kinderen, extra begeleiding in en buiten de klas, terugkoppeling naar ouders en externe organisaties. Zonder daarbij scholen de ondersteuning te bieden die nodig is.

In groep 8 zijn de niveauverschillen zo groot geworden dat werken met drie niveaugroepen allang niet meer toereikend is. Het is maar goed dat we de kinderen dagelijks zien en daardoor goed kennen, zodat we zoveel mogelijk kunnen inspelen op hun onderwijsbehoeften. Als docent in het voortgezet onderwijs heb je veel minder contacturen. Hoe gaan zij het voor elkaar krijgen om met nog grotere niveauverschillen elk kind het juiste onderwijs te geven?

Het schooladvies drie jaar verplaatsen, en daarmee een heel bestaand systeem op de schop gooien, is niet mijn oplossing. Je verplaatst het probleem. Met alle problemen die we nu al niet kunnen oplossen komt er nu wéér een verandering aan. Daarnaast levert het inhoudelijke bezwaren op. We vragen van docenten op het voortgezet onderwijs om te gaan met nóg grotere verschillen in één klas en hun lessen hierop aan te passen. Ook hoor ik regelmatig van kinderen dat ze blij zijn na acht jaar eindelijk met kinderen in een klas te zitten die dezelfde leerstijl hebben. Dat ze meer zelfvertrouwen hebben gekregen nu ze zich niet steeds vergelijken met kinderen die een ander onderwijsniveau hebben. En dat ze beter kunnen voldoen aan eisen die gesteld worden.

Verplaatsen levert ook praktische bezwaren op. Scholengemeenschappen kunnen zich misschien redelijk snel aanpassen, maar wat doen we met kleinere scholen die nu nog één of twee onderwijsniveaus aanbieden? Hoe maken we de klassen kleiner zodat het gewenste adaptieve onderwijs ook echt gegeven kán worden, zodat het aantal leerkrachten met een burn-out niet gigantisch stijgt? Want zoals al jarenlang gebeurt: er wordt steeds meer gevraagd ván het onderwijs, maar weinig geïnvesteerd ín het onderwijs.

Ondanks deze vraagtekens begrijp ik dat we in Nederland kinderen te vroeg indelen op één niveau. Als basisschool ken je de kinderen na acht jaar goed genoeg om een, op dat moment, passend schooladvies te geven. Alleen zouden we dat advies meer als richtingaanwijzer moeten gebruiken. We weten dat niet ieder kind zich in hetzelfde tempo ontwikkelt. We hebben geen glazen bol. Daarnaast zijn er andere aspecten van invloed op de ontwikkeling van een kind als het eenmaal op de middelbare school zit, zoals de klas, de thuissituatie, de mentor, andere docenten, interne factoren.

Wat dan wel? Houd het simpel, raad ik aan.

Ga bij de advisering in groep 8 uit van kansen. Wees niet te behoudend.

Zorg voor een goede overdracht van basisschool naar middelbare school.

Gemengde brugklassen zijn een prima middel om kinderen te blijven uitdagen. Ze leren van en met elkaar. Zonder dat de onderlinge verschillen te groot zijn om als docent rekening mee te kunnen houden. Daar hoeven we het schooladvies niet drie jaar voor uit te stellen.

Ook ná de brugperiode moeten kinderen nog steeds kúnnen en mógen wisselen van niveau. Groep 8 kan nooit het eindstation zijn. Volg als middelbare school de leerlingen goed. Niet alleen door middel van toetsen. Volg de ontwikkeling, ga met ze in gesprek. Ken je leerlingen. En onderhoud contact met de basisscholen.

Reken als overheid scholen niet af op de afstroom van leerlingen naar een ander niveau. Er zijn voorbeelden van scholen die leerlingen geen kans durven geven omdat ze (financieel) afgerekend worden als een leerling het niveau toch niet blijkt te halen. Help scholen en leerkrachten om ze in staat te stellen uit te zoeken wat kinderen nodig hebben. Doe eens gek: investeer voor de verandering structureel in het onderwijs en in de toekomst.

Maar gooi niet alles op de schop. Daar wordt geen enkel kind beter van.

Sjoerd van den Berg
Leerkracht groep 8 in Haarlem

‘Jullie kinderen doen ertoe.’ Dat is waar het om gaat.

Natuurlijk, ik begrijp heel goed dat staken niet alleen tot steun en positieve reacties leidt. Als de NS staakt zorgt dit tot veel problemen van mensen die naar hun dagelijkse werk willen reizen. Als het vliegtuigpersoneel staakt gaat dit ten koste van geboekte vakanties. Allemaal erg vervelend. En deze week worden ouders ermee geconfronteerd dat ze twee dagen hun kinderen thuis moeten houden of voor opvang moeten zorgen. Wéér een staking in het onderwijs. Is dat nou nodig?

Ik kan het bijna uitschreeuwen: ’Ja dat is nodig!’. Want wij leerkrachten staken niet voor onze lol. Het liefst hadden we donderdag en vrijdag voor de groep gestaan. Om ons vak uit te oefenen. Zoals we dat elke dag willen doen. Maar de problemen die al jaren geleden voorspeld zijn zorgen ervoor dat we dat niet kúnnen doen.

Kwalitatief goed onderwijs verzorgen. Elke dag. Voor alle kinderen. Dat kan alleen met opgeleide leerkrachten die na een goede begeleiding bij de start van hun loopbaan het onderwijs kunnen geven dat van hen gevraagd wordt. Passend onderwijs. Waarbij rekening wordt gehouden met de ontwikkeling van alle bijna 30 kinderen in de klas. Niet te vergelijken met vroeger. Daar kan ik van alles over schrijven maar laat ik niet in details treden. Kom in het geval u daar meer over wilt weten vooral een dagje meelopen.

We doen er alles aan om te zorgen dat kinderen niet thuis hoeven te blijven. Maar het wordt steeds lastiger. Het lukt ons steeds minder goed. Wat we ook proberen en hoe hard we dit ook roepen. We hebben problemen in het onderwijs, grote problemen. En daar hebben we allemaal last van. Deze problemen zijn niet gisteren ontstaan. En oplossingen zijn er. Oplossingen die ervoor zorgen dat er niet meer leerkrachten weglopen dan erbij komen. Die ervoor zorgen dat alle kinderen elke dag, vijf dagen in de week, door gediplomeerde leerkrachten leskrijgen. Dát is waar we voor staan.

Vandaag kwam ik op school overal deze flyer tegen. Steun van de ouders, van de MR en de ouderraad. Dat doet wat met een leerkracht. Want natuurlijk, ik begrijp heel goed dat staken niet alleen tot steun en positieve reacties leidt. Maar dit is waar het ons allemaal om gaat: jullie kinderen doen ertoe; voor hen willen wij goed onderwijs, voor nu én in de toekomst. Elke dag weer.

Bedankt voor deze steun. Ik hoop dat het in de toekomst niet meer nodig is.

teamteacher