Categorie archief: reizen

Hier vindt u mijn reisverslagen.

Abrupt einde vakantie Indonesië

Toen ik in een eerder verhaal schreef dat vakanties in Azië nooit volgens plan verlopen, had ik niet verwacht dat ik vandaag in een kantoortje van een hotel vlakbij vliegveld Soekarno-Hatta in Jakarta mijn laatste vakantieverhaal van dit jaar zou schrijven. Nog een dagje hier doorbrengen en dan vlieg ik vanavond  rechtstreeks naar Amsterdam. In onderstaand verhaal zal ik proberen jullie mee te nemen in hoe ik de afgelopen twee dagen op Lombok ervaren heb,

Terug naar zondag. Omdat mijn rijbewijs was gestolen mocht ik geen scooter huren. Een medewerker van het guesthouse wilde mij wel meenemen op de motor om een deel van het eiland te laten zien. En dus zijn we die dag naar Kuta gereden om een aantal mooie stranden en dorpjes te bekijken. Voor Indonesische begrippen was het koud, 20 graden, en al een paar dagen waaide er een vrij harde wind over het eiland. Maar dat maakte het een prima dag om rond te touren.

Na een bezoek aan een dorpje waar alle vrouwen op traditionele wijze kleding vervaardigden en het bekijken van een Hindoestaanse tempel, was ik rond vijf uur terug in Senggigi. Bij een apotheek voor de zekerheid pilletjes tegen zeeziekte gekocht. Na het bezoek aan Gili Air (de volgende dag) zouden deze wel eens nodig kunnen zijn tijdens de vierdaagse boottocht naar Komodo en Flores.

Rond half acht ging ik eten in een tentje aan de weg langs het strand. Samen met twee Spanjaarden en twee Francaises waren we in gesprek toen ineens de grond begon te trillen. Dat was meteen al vrij heftig en alles om ons heen leek te bewegen. Binnen een paar seconden stonden we allemaal op straat. Mensen begonnen te gillen, spullen vielen om en auto’s en scooters stonden stil. Dit alles duurde slechts een seconde of 15. Natuurlijk was meteen duidelijk dat het om een aardbeving ging maar het leek kort te duren dus iedereen was bang dat er nog een vervolg zou komen. Niet lang daarna viel de stroom uit en zo stonden we met honderden mensen in het donker op straat. Via whats app en twitter kreeg iedereen al snel in de gaten dat het om een zware aardbeving ging met een kracht van 7 op de Schaal van Richter. Niemand wist precies wat te doen. Wel werd duidelijk dat het gevaarlijk werd want we zagen in de grotere gebouwen enorme scheuren en delen van hotels waren ingestort. Taxi’s en scooters scheurden met enorme vaart voorbij en de eerste politiewagens en ambulances reden door het dorp.

Ik besloot om terug te lopen naar mijn guesthouse. Daarvoor moest ik 500 meter een onverlicht pad af en gelukkig was er iemand op de scooter die terug wilde rijden om mij af te zetten. Het pad lag vol bakstenen en puin, afkomstig van de gebouwen en muurtjes. Bij het guesthouse zat iedereen op de grond in afwachting wat er ging gebeuren. Gelukkig was niemand gewond geraakt. Het was etenstijd dus bijna niemand zat in de huisjes. Daar waren daken ingestort en lag de grond vol met bakstenen, dakpannen en ander puin. Ik heb met behulp van een medewerker snel mijn backpack van binnen gehaald en toen ik terugkwam was iedereen verdwenen. Iemand van de naastgelegen moskee wees mij in de richting van een veld waar alle mensen naartoe waren gebracht. Daar stonden toeristen en lokale bevolking in onwetendheid af te wachten wat er ging gebeuren. Met name voor de kinderen was dit natuurlijk een angstige situatie. Wat niet hielp was dat veel lokale inwoners ineens begonnen te gillen en hardop te bidden. Iedereen vroeg zich af: wat weten zij wat wij niet weten? En waar zijn ze bang voor?

Al snel kregen diverse toeristen via familie en vrienden door dat er een tsunamiwaarschuwing was afgegeven. Op nog geen driehonderd meter van de zee was dit geen fijn bericht. Sommige mensen vroegen zich af of we niet snel de heuvel op moesten. De medewerker met wie ik de dag had doorgebracht op de motor had doorgebracht stond met een zaklamp te gebaren dat hij de heuvel opging met zijn gezin. Samen met een stel Nederlanders en andere toeristen besloten we hem te volgen. Eerst liepen we een trap op maar het ging snel over in een steil pad door het veld. Een lange stoet van mensen met zaklampen en hoofdlampen volgde onze weg. Bijzonder om te zien hoe op dat moment nog de ouderen en kinderen geholpen werden. Halverwege de klim werden de berichten over de Tsunami ernstiger en dat maakte dat het plotsling ‘ieder voor zich werd’. De Nederlanders was ik al kwijt en ik rende met een stel Polen de heuvel op. Onderweg pikten we nog wat kinderen uit het dorp op en het lukte maar net om een wat oudere Poolse vrouw mee de berg op te krijgen. Toen we niet hoger konden zaten we in groepjes bij elkaar op een grindpad, met onder ons de boulevard met hotels en de zee.

We wisten nog niet hoe groot de kans op een Tsunami was. Wel had iedereen de beelden op zijn netvlies staan van de ramp die zich in 2004 voltrok op oa Sumatra.  En misschien was dat wel het meest angstige moment van de dag. Omdat je niet weet wat er gaat gebeuren, maar wel dat je dichtbij het strand bent en hoopt dat je hoog genoeg zit om niet te worden meegesleurd, mocht er echt een vloedgolf als in 2004 aankomen. Het uitzicht op de zee in het donker maakte dat ook niet beter. Onderling bespreek je nog andere mogelijkheden, om bijvoorbeeld meer landinwaarts te gaan. Maar dat zou betekenen dat we het hele stuk weer omlaag moesten lopen. Dus besloten we op onze plek te blijven in de hoop dat het hoog genoeg was.

Gelukkig werd iedereen door het thuisfront goed op de hoogte gehouden. De Tsunamiwaarschuwing nam af en werd uiteindelijk ingetrokken. Maar het duurde nog wel een uur of twee voordat de meeste mensen echt overtuigd waren dat het niet zou gaan gebeuren. Beneden werden wat tentenkampen opgebouwd waar artsen de gewonden verzorgden. Omdat er regelmatig naschokken te voelen waren hadden wij geen behoefte om naar beneden te lopen en tussen de bomen en gebouwen in te zitten. Op de heuvel zaten verschillende groepjes mensen, te zien aan de hoofdlampen of vuurtjes die in de verte waren aangestoken. De Polen hadden een fles whiskey mee en om een uur of één ging die rond en konden we voor het eerst op een beetje ‘gezellig’ niveau praten.

Zeker door de naschokken durfde niemand een oog dicht te doen. Daarbij lagen de stenen ook niet heel lekker. Om 6.30 uur werd het licht en wandelden we naar beneden. Daar waren de eerste opruimwerkzaamheden al begonnen. Ongelooflijk hoe de bewoners meteen met elkaar puin aan het ruimen waren.

Mijn zus had vanaf haar vakantieadres in Australië een ticket voor mij geboekt naar Jakarta die avond. Dat bleek later groot geluk te zijn. Ik wist niet hoe de wegen erbij zouden liggen en dus was het zaak zo snel mogelijk vervoer te regelen. Dat lukte en om 8.00 uur was ik op het vliegveld. Onderweg zagen we de verwoestingen die de aardbeving had aangericht. Vooral in het begin bij Senggigi en Mataram. Daarna werd het gelukkig minder. Met name het noorden en de Gili-eilanden waren zwaar getroffen. Ik zou deze dag naar Gili Air zijn gegaan. Dat eiland is, op basis van verhalen van anderen, volledig verwoest. Op het vliegveld stonden lange rijen om tickets te bemachtigen. Mijn ticket kon niet worden vervroegd en dus moest ik tot 20.30 uur wachten. Ik besloot bij een stopcontact te gaan zitten zodat ik mijn telefoon kon opladen en met het thuisfront contact kon houden.

Achteraf gezien was dat in meerde opzichten een goede plek. Hoewel ik behalve een blik pringles niks te eten had kwam ik de dag hier goed door omdat veel mensen met verlengsnoeren en stekkers aansloten en tijdens het opladen van telefoons hun verhaal deelden. De eerste mensen van Gili kwamen terug en die hadden echt heftige dngen meegemaakt. Op de eilanden kun je geen kant op dus en alles was verwoest. Gelukkig waren zij met de eerste boten opgepikt.

Gedurende de dag werd ik via twitter gevraagd om te bellen met wat kranten en televisiezenders, en hen op de hoogte te houden van de gebeurtenissen op het vliegveld. Dat zorgde voor de nodige afleiding. Gevolg was dat veel mensen via die media ineens zagen waar ik was. en dat het goed ging.

Om 18.00 uur werden de rijen voor de incheckbalies langer en langer. Ik besloot vast in de rij te gaan staan, ook al stond mijn bestemming nog niet op de borden. Het was één groot gekkenhuis. Mensen stonden door elkaar heen te schreeuwen, iedereen wilde zo snel mogelijk inchecken en sommige Nederlanders stonden achteraan terwijl hun vlucht een halfuur later vertrok. De borden bleken al uren op dezelfde bestemming te staan dus je moest gewoon zo snel mogelijk naar voren zien te komen. Samen met wat andere Nederlanders verplaatsten we ons van de zijkant naar de achterste plek waar wel redelijke rijen waren gevormd. Daar ging het veel sneller en we waren op tijd met inchecken. Mooi was het om te zien dat iedereen die een boardingpass in handen kreeg met een grote lach op het gezicht richting douane liep. Alsof ze het mooiste verjaardagscadeautje ooit hadden gekregen. En zo voelde het ook.

Boven bij de gates aangekomen zaten honderden mensen te wachten. Onze vlucht had uiteindelijk ook twee uur vertraging maar op zo’n lange dag maakt dat weinig uit. Overigens lagen er in de hal honderden mensen die geen ticket hadden bemachtigd en wellicht nog één of meer dagen op het vliegveld moeten doorbrengen.

Om 23.30 uur vlogen we eindelijk richting Jakarta. Met een dubbel gevoel. Natuurlijk blij om weg te zijn van het eiland waar je angstige momenten hebt meegemaakt. En blij dat je zelf gezond bent en uiteindelijk er goed vanaf gekomen bent. Maar ook in de veronderstelling dat op het eiland veel leed is, een langere periode van opbouw nodig is en waar veel mensen zijn overleden, hun woning of hun bron van inkomsten  zijn kwijtgeraakt. Lombok en de Gili-eilanden leven van toerisme, en het vliegveld zat vol met mensen die zo snel mogelijk weg wilden.

Het is jammer dat de helft van de vakantie niet geworden is wat ik er van gehoopt had, maar ik ben blij dat ik vanavond op het vliegtuig naar Amsterdam stap en dan hopelijk gezond en wel richting Haarlem vertrek. Ik heb veel geluk gehad. Na zo’n bizarre gebeurtenis leer je snel wat belangrijk en onbelangrijk is in het leven, maar ook waar je vooral van moet genieten. Een bijzondere reis om op terug te kijken, en een goed verhaal op de eerste schooldag in groep 8.

Fijne vakantie allemaal en kom veilig thuis!

Hieronder enkele foto’s. Let niet op de kwaliteit want het is allemaal snel met de telefoon gemaakt, maar geeft toch een beeld. Ik krijg ze vanaf hier helaas niet gekantel.

Klik hier voor een filmpje, net na de beving op straat

 

 

Lombok dag 1

Na de mooie jungledagen op Sumatra was het tijd voor een nieuw eiland. Op zeer dringend advies van Jacqueline, en ook vanwege de beklimming van de Rinjanivulkaan. Deze trek had ik thuis al geboekt en moet een bijzondere belevenis zijn. Tot op 4000 meter hoogte de top van de vulkaan beklimmen en ook overnachten boven de 3000 meter. `Helaas liep het anders, zoals zoveel dingen tijdens deze vakantie.

Terug uit de jungle werd whats app overstelpt met berichten of alles wel goed met me ging. Een aardbeving op Lombok had namelijk veel verwoestingen aangericht op en rond de Rinjani. Ik was er gelukkig nog niet maar nam wel contact op met de eigenaar van het guesthouse waar ik zou verblijven. Zoals je kunt zien op de foto’s zijn de verwoestingen behoorlijk heftig. En de berg is dan ook de komende maanden gesloten. Heel vervelend want ik keek erg uit naar deze tocht, maar veel erger is het natuurlijk voor de lokale bevolking. Toerisme is daar een van de weinige bronnen van inkomsten en voorlopig kunnen ze dat dus vergeten. En veel ondernemers zullen hun guesthouse van de grond moeten opbouwen. Als dat al lukt want rijk kun je Indonesië niet noemen. Hopelijk blijft het de komende tijd rustig en krijgen ze genoeg hulp om het leven weer op te starten. Vanochtend kon je nog wel wat naschokken voelen. Dat stelde niks voor, maar toch apart om ineens die trillingen te voelen.

59AC7E8E-DCAF-4214-AC2C-29595A36266D

9B36C4F6-7F20-4126-B44A-22EAED5BD23E

Ik heb mijn reisplannen aangepast. Ik ben wel naar Lombok gevlogen maar zal de eerste dagen doorbrengen in het kustplaatsje Senggigi en daarna drie dagen verblijven op Gili Air.

Na een lange dag reizen (6.00 uur een rit van vier uur van Bukit Lawang naar Medan, daarna 7 uur vliegen via Jakarta naar Lombok en vervolgens een uur met de bus) ben ik inmiddels gearriveerd in Senggigi. Vanochtend met enige stress want ik probeerde een vierdaagse boottocht naar Komodo en Flores te boeken. De cabins waren bezet maar gelukkig was er nog plek op het dek. Vervolgens moest ik een vlucht regelen van Flores naar Jakarta omdat ik vanaf daar weer naar huis vlieg. Ik wilde graag vijf dagen op Flores blijven maar die hele week bleken alle vluchten volgeboekt te zijn. Ik moest naar het kantoor van Garuda op Lombok (20 minuten met de taxi) om vervolgens een vlucht te wijzigen zodat ik alsnog twee nachten op Flores kan blijven en dan om 7.00 uur (!!) kan terugvliegen via Bali naar Jakarta. Niet gepland, maar er zitten dus ook nog twee nachten Bali in het verschiet.

Aangezien dit gebeuren vrij lang duurde ben ik vanmiddag even met de camera op stap gegaan tot de zonsondergang te zien was (met de vulkanen op Bali in de verte). Vanavond ga ik naar Happy Café, een tip van Jacq. Het leuke van Lombok is dat er veel restaurantjes en bars zijn waar live muziek wordt gemaakt. De kwaliteit is hier vrij goed. Waar op Sumatra een Indonesisch bandje ‘Het is een nacht’ van Guus Meeuwis vrij hardhandig wist te verkrachten, zijn het hier echt muzikanten die spelen, al dan niet in redelijk Engels. Het leukste zijn toch wel de Indonesische liedjes. Gisteren probeerden ze regelmatig mij mee te laten zingen maar dat laat ik (voorlopig) nog even aan me voorbijgaan. Maar, zeg nooit nooit.

 

059400B8-983C-40D3-82A7-E79800C89F6A     BC7CFA78-60C0-4F28-911A-ECCB8B6EEAAE

14554656-D560-414B-B613-3D4F1910C331

74B95E3B-E404-4A8F-A3D4-50C2DC7A1363

Bukit Lawang: orang-oetans, jungle en een bloedzuiger

De afgelopen dagen was ik in Bukit Lawang, een dorpje in het noorden van Sumatra. Aan de overkant van de rivier ligt het Gunung Leuser Nationaal Park, één  van de twee plaatsen op de wereld waar orang-oetans nog in het wild leven. En daarnaast nog vele andere bijzondere dieren, zoals tijgers, neushoorns en olifanten.

Het nationale park is in het bijzondere jaar 1980 opgericht en in de afgelopen jaren hebben de toeristen steeds beter hun weg kunnen vinden naar Bukit Lawang. Dat is ook wel te zien aan alle guesthouses, restaurants en bars die langs de enige weg aan de rivier uit het niets opdoemen. Overigens is de weg hier naartoe lang, vanaf Medan ruim vier uur rijden over hobbelige wegen langs palmolieplantages en jungle. Het is goed om te vermelden dat die plantages steeds meer plek innemen omdat er toch nog veel producten zijn waarin palmolie wordt verwerkt. Voor ons allemaal iets om nog beter op te letten.

Ik verbleef de eerste nacht in de Garden Inn. Het laatste deel van de weg in Bukit Lawang rijden geen auto’s, de weg is daar te smal voor, dus ik werd heel vriendelijk opgewacht door Rinto die mij per motor richting het guesthouse bracht. Daar kreeg ik een prachtige kamer met ‘balkon’, uitzicht over de rivier en de jungle aan de overkant.

De volgende ochtend werd ik om 8.30 uur opgehaald om aan te sluiten bij een andere groep. De meeste ‘treks’ gaan in groepen, maar ze willen hier geen massatoerisme dus meer dan 4 mensen in een groep zie je zelden. Wij waren met zijn vieren: Peter en Linda uit Zweden, de gids en ikzelf. Via een wat wankele hangbrug liepen we de heuvel op waar het nationaal park begint.

De gids vertelde dat ze geen beloftes kunnen doen om de orang-oetans te zien aangezien zij wild in de jungle leven. Niet helemaal waar overigens, want er leven hier ook semi-wilde orang-oetans. Er is hier in het park een rehabilitatiecentrum waar orang-oetans, die gewond zijn, verlaten door hun moeder of verjaagd door stropers of illegale houtkap, worden opgevangen en daarna in de jungle worden vrijgelaten. Al na een kwartier lopen werd de eerste orang-oetan gespot. Ondanks  de gidsen die elkaar bellen waardoor er vrij snel een man of 30 met camera in de hand naar boven staan te kijken is dit echt wel een bijzonder moment. Het is prachtig om te zien hoe de vrij grote dieren eenvoudig van boom naar boom slingeren en af en toe even blijven hangen om te kijken naar de groep wezens die beneden op de grond hen staan aan te staren. Omdat deze orang-oetans in het rehabilitatiecentrum zijn geweest zijn ze gewend aan mensen en niet bang. Maar ze blijven op gepaste afstand. En houden van een geintje, want terwijl er een groep mensen stond te kijken vond een orang-oetan het een prima moment om naar beneden te plassen, vol over de groep heen.

575A44E6-277A-44BD-9F8A-BFD5495D0288      A8459599-ECFA-465D-9425-68F832DAA9E1

In het begin van de trek was het vrij druk, ook vanwege de eendaagse tours. Maar hoe verder we de jungle in gingen, hoe rustiger het werd. En dan was de jungle-ervaring eigenlijk het best. Het ging vrij steil op en neer en met ruim 30 graden was dat behoorlijk zweten. Maar de gids hield regelmatig stil om iets uit te leggen over de dieren, planten en bomen. Bijvoorbeeld welke planten in de geneeskunde werden gebruikt, hoe je via sporen dieren kon vinden, van welke boom tonic wordt gemaakt (de bast smaakte inderdaad bijzonder bitter), dat er mieren zijn die een vloeistof sproeien wanneer ze bedreigd worden en dat die vloeistof helpt tegen muskieten. Leerzame en welkome rustmomenten dus. En dan werd er ook nog uitgebreid tijd genomen om te lunchen (warme nasi of noodles en vers fruit).

FEBB96EF-E405-47D0-A287-274EC46106CD

Aan het eind van de middag arriveerden we bij het eerste kamp, langs de rivier. Daar konden we even bijkomen en een frisse duik nemen. We sliepen in koepeltentjes die weer onder een overkapping stonden. Gelukkig maar want vanaf een uur of zes begon het voor een aantal uur keihard te regenen. We aten bij een vuurtje onder de overkapping.

9E08E70F-4F15-4C8E-91BF-82609F3F958B

Na een wisselvallige nacht (wij Europeanen zijn niet helemaal gewend aan slapen op een soort yogamatje op de rotsen) trokken we de dag erna verder de jungle in. Weer zagen we wat orang-oetans en andere apen, zoals de thomaslangoer en de gibbon. Het ging steiler omhoog en omlaag vergeleken met de dag ervoor, maar het was ook veel rustiger waardoor je het gevoel had alleen in de jungle te zijn. Omdat het vrijwel de hele nacht geregend had was het nat en modderig, en dat maakte de kans op bloedzuigers groter. Natuurlijk was ik de gelukkige, maar vrij snel had de gids hem van mijn been gehaald. Dit keer kwamen we iets vroeger aan bij het tweede kamp, waar we weer konden zwemmen. Terwijl we na het eten bij een vuurtje zaten kwam er een andere gids voorbij om de cobra te laten zien die hij had gevangen. Daarna hoorden we een harde knal en bleek een boom te zijn omgevallen op een tent verderop. Gelukkig zaten er nog geen mensen in en konden de slaapplekken verplaatst worden. Aan de overkant zag Linda ineens iets lopen en door met een hoofdlamp te schijnen zagen we de ogen van een wilde kat. Behoorlijk knap hoe hij zich in het donker door de jungle kan verplaatsen.

De volgende ochtend was er genoeg tijd om nog even te relaxen, waarna we de terugreis konden starten. Niet wandelend, maar op tubes over de rivier. We zaten in grote banden met aan weerskanten de gidsen, die met stokken konden voorkomen dat we tegen de rotsen aan knalden. Door de hevige regenval zat er genoeg water in de rivier, daardoor waren er gelukkig genoeg stroomversnellingen. Een soort pirana van de Efteling dus, maar dan echt en met mooier uitzicht. Overigens hadden de Zweden helmen en zwemvesten besteld, wat tot grote hilariteit onder de gidsen zorgden. Dat hadden ze niet eerder meegemaakt, en was ook totaal overbodig. Maar onze gids had de avond ervoor al verteld dat Zweden bekend staan om hun overdreven drang naar veiligheid.

B30451E8-2472-458B-98B7-97268A2180F9

Ik werd precies voor mijn guesthouse afgezet waar de douche na drie dagen trekking een welkome afsluiting was.

Deze tocht kan ik iedereen aanraden. Niet alleen zie je en leer je veel van de jungle en de verhalen van de gids, ook de avonden en gesprekken met de andere toeristen en gidsen zijn bijzonder. Je leert elkaar en elkaars culturen beter kennen en doet zo nu en dan nog eens handige adresjes in het buitenland op. Dus mocht je nog eens naar Indonesië gaan, vergeet niet Sumatra te bezoeken en dan in het bijzonder Gunug Leuser National Park. Het is de vlucht en autorit zeker waard.

6A033C9B-F532-4342-A470-B02933E97F02      9DD66715-DF74-4ADA-B5B3-D5C60A6EAE7D

A139AB3D-4113-492C-9A30-5428986D1365

 

96DE59D9-6B00-4F5E-86EB-2A85535D0B95

 

ADF3BF9F-01E0-4230-A80D-96F58735B016

Vakantie Indonesië, een kort verhaal

Vandaag vertrek ik voor enkele weken naar Indonesië. Oog in oog komen te staan met orang-oetans, de Rinjani-vulkaan beklimmen, een boottocht over zee maken naar Komodo en Flores en wellicht nog ergens een relaxt strandje opzoeken om echt bij te komen na een lang schooljaar. Dat moet wel een prachtvakantie worden!

Wanneer ik in de vakantie alleen op pad ga, krijg ik veel reacties van mensen waaruit blijkt dat ze het knap, stoer, dapper vinden. Natuurlijk, het is spannend om op jezelf aangewezen te zijn. Om je aan te passen aan het onbekende. Om problemen zelf op te moeten lossen. En ondanks alle mooie indrukken is het af en toe lastig om alleen in een restaurant te eten of ontbijten. Maar bovenal is het toch vooral een luxe om zo’n mooie reis te kunnen maken. Luxe, bijzonder, spannend, indrukwekkend. Dat zijn bewoordingen die ik vind passen. Maar knap..? Nee.

Wat voor mij knap is? Dat je je leven met iemand kunt delen en de zorg voor kinderen op je neemt. Dat je je eigen dromen soms laat varen omdat je je verantwoordelijkheid neemt. Om je kinderen op te voeden en al je aandacht en energie in je relatie te steken. Dat je jaarlijks vier weken met de tent, vouwwagen of caravan op pad gaat en je kinderen van jongs af aan meeneemt de bergen in. Om te wandelen, kanoën, dorpjes bezoeken of live de Tour te kijken. Dat je je eigen leven aanpast om het zo goed mogelijk te doen voor een ander.

Mijn ouders, mijn zus en haar man, en waarschijnlijk met hen vele anderen als ik zo op Facebook de vakantiefoto’s voorbij zie komen.

Die vind ik pas knap, stoer en dapper.

 

Ik hoop de komende weken te genieten van een nieuw, onbekend land. En op mijn site zal ik regelmatig foto’s en verhalen posten voor eenieder die het leuk vindt om deze vakantie een beetje te volgen. 

River of thousand lingas

Tja, een beetje bijzonder is het wel, deze rivier. Ongeveer 30 kilometer buiten Siem Reap en een wandeling van drie kwartier de berg op kom je op een heilige plaats. Hier stroomt de rivier van de duizend lingas, vrij vertaald: de duizend penissen. De naam heeft de rivier te danken aan het motief van de vele stenen die je door het heldere water kunt zijn. Deze beeldhouwwerken staan symbool voor de god Shiva. Het hindoeïsme dus. Vroeger lieten mensen zich op deze plek baden om bijvoorbeeld ziektes te bestrijden, demonen te verjagen en te bidden voor voorspoed. Ook de koning bezocht regelmatig deze rivier.

River of thousand lingas

River of thousand lingas

Niet ver van deze rivier ligt een speciale tempel: Banteay Srei. Deze tempel is kleiner dan de meeste tempels in Angkor, en veel is verwoest. Maar bijzonder zijn de gravures die nog goed zichtbaar zijn. De tempel stond vroeger middenin een stadje, alleen vanwege de gebouwen die van hout werden gemaakt is hier niks meer van te zien. De tempel was voor de gewone mensen, zodat zij niet steeds ver weg naar bijvoorbeeld Angkor moesten reizen om de goden te aanbidden. Het verhaal ging dat deze tempel door vrouwen is gebouwd. Mannen zouden alleen in staat zijn grote tempels te bouwen en niet deze gedetailleerde gravures kunnen maken. maar helaas, het waren toch de mannen.

Banteay Srei

Banteay Srei

Laatste etappe: Cambodja

Hoewel de titel anders doet vermoeden, zal ik niet veel reizen door dit land. Ik wilde, nu ik toch in de buurt ben, een bezoek brengen aan de tempels van Angkor. En dus zal ik de laatste vijf dagen overnachten in Siem Reap, een stad gelegen in het noordwesten van Cambodja.

Gisteren heb ik een tour gemaakt langs verschillende tempels. Het zou een groepsreis zijn, maar toen ik werd opgehaald door de gids en zijn chauffeur bleek dat ik de enige was. Op zich niks mis mee, ik kreeg alle aandacht en verhalen persoonlijk te horen, maar het was leuker geweest om wat nieuwe mensen te ontmoeten. In elk geval bezochten we deze eerste dag meteen de belangrijkste plaatsen waarvoor ik ben gekomen: Angkor Wat, Angkor Thom, Bayon en  Ta Prohm.

Angkor was van de achtste tot de vijftiende eeuw de hoofdstad van de Khmer. Het gebied beslaat 400 vierkante kilometer en staat vol tempels, ooit in totaal meer dan 100. In de hoofdstad woonden een miljoen mensen. Maar omdat alle andere gebouwen van hout waren gemaakt en de stad vanaf de vijftiende eeuw werd verlaten en overwoekerd door het oerwoud, is hier niets van terug te zien. De stenen tempels werden aan het begin van de twintigste eeuw ontdekt door de Franse ontdekkingsreiziger Henri Mouhot.

Angkor Wat is de belangrijkste en bekendste tempel. Angkor betekent heilige stad, en Wat staat voor tempel. Het is een kolossaal gebouw midden in de jungle. De tempel is gebouwd om de god Vishnu te eren. De gids vertelde overigens dat door de eeuwen heen er verschillende godsdiensten een belangrijke rol speelden, het hindoeisme en boeddhisme. Tijdens deze wisselingen zijn veel beelden gestolen of verwoest. En je zult daarom beide invloeden herkennen. De verschillen in bouwstijlen hebben meer te maken met de koningen die architect waren van de tempels. Angkor Wat staat ook bekend om vier reliëfs waarop verschillende legendes staan afgebeeld. In totaal 200 meter aan verhalen.

Angkor Wat

Angkor Wat

Binnen het complex van Angkor Thom staat de Bayon. Een enorme tempel uit de twaalfde eeuw, bekend om de torens met gezichten. Vroeger stonden er ruim 50 torens met tweehonderd gezichten. De gezichten stralen macht en kracht uit, en menselijkheid. De koningen werden ook op die manier gezien, half menselijk en half god.

Een van de gezichten van de Bayon

Een van de gezichten van de Bayon

De laatste tempel die we hebben gezien was Ta Promh. Waar bij de andere tempels alle bomen en planten zijn weggehaald vanwege overwoekering, is Ta Promh juist bekend geworden vanwege deze overwoekering. Bomen groeien met hun dikke wortels dwars door de zware stenen heen. Hierdoor is er ook veel beschadigd en omgevallen. Maar het zorgt voor een uniek beeld. De makers van de film Tombraider kozen deze tempel als filmlocatie, waardoor de bekendheid nog groter werd. Echt een bijzondere plek om te bezoeken!

Boomwortels overwoekeren Ta Promh

Boomwortels overwoekeren Ta Promh

Nachttreinen..

Reizen met de nachttrein is telkens een bijzondere en spannende ervaring. Wie zit er met je in de coupé, heb je de goed trein te pakken, zijn er uren vertraging, kun je een beetje slapen en komt de trein überhaupt wel aan? De eerste keer in de nachttrein richting Sa Pa zat ik tussen de Vietnamese locals. Op zich niet heel gezellig maar wel lekker rustig. De terugreis leek prima omdat ik tot vijf minuten voor tijd de enige in de coupé was, maar net op dat moment kwamen er een vader, moeder, baby en peuter bij. Gelukkig was het vanaf tien uur stil en verliep de reis verder prima.

De derde en voorlopig laatste keer dat ik met de nachttrein zou vertrekken werd ik door een taxi naar het station gebracht. Wel fijn want je weet zelf nooit helemaal zeker of je wel het goede station hebt gekozen. Natuurlijk te vroeg aangekomen dus moest ik in de hal wachten. De hal zat vol Vietnamezen en een enkele backpacker, was vrij smerig maar ze hadden wel Spaans voetbal op staan dus dat doodde de tijd wel. Mooi detail was dat er geen omroepsysteem werd gebruikt, maar een mevrouw elke keer met een megafoon de vertrekkende treinen omriep. Niks van te verstaan natuurlijk, maar gelukkig hadden ze een bord met Engelse vertaling.

Zo slaap je in de SE3

Zo slaap je in de SE3

Dit keer had ik twee Parijzenaars in de coupé. Aardige mensen dus dat was leuk. Slapen lukte op deze trein het minst. Blijkbaar zijn de treinen naar en van Sa Pa luxer omdat daar meer toeristen gebruik van maken. Wel een redelijk bed maar vanaf de eerste minuut leek het alsof je op een aardbeving reed die op een of andere manier meebewoog met de trein. De reis duurde 12 uur en op het station werd ik opgewacht door een jongen van het hotel, die mij op de motor verder bracht. Weer een nieuwe plek. Hue. De stad van de pagodes en de oude citadel.

Heel leuk schijnt de stad zelf niet te zijn, we gaan het zien. Morgenochtend word ik per motor langs vier pagodes en een tempel gebracht. De middag zal denk ik relaxen worden in het hotel want het is te warm om dan actief te zijn. Zondag bezoek ik de citadel. Het plan is om maandag dan per motor (easyriders) naar Hoi An te gaan, maar we wachten het weer even af want er is regen en onweer op komst. Morgen meer!

 

Drakenschepen liggen klaar op de parfumrivier.

Drakenschepen liggen klaar op de parfumrivier.

Visser op de parfumrivier

Visser op de parfumrivier

Kade van de parfumrivier

Kade van de parfumrivier

Weg uit de drukte van Hanoi: Sa Pa

Na anderhalve week Bangkok en Hanoi, met uitzondering van de tocht naar Ha Long Bay, had ik veel zin in de tocht naar de bergen van SaPa. Even weg uit de drukte van de stad. Weg van de smog. Hoewel de start niet helemaal verliep zoals gepland, lees mijn vorige blog, kwamen we na een vrij goede treinreis aan op het station van Lao Cai, slechts twee kilometer van de Chinese grens. Daarvandaan werden we met een busje naar Sa Pa gebracht.

in 1922 werd Sa Pa door de Fransen gesticht. Dat is goed terug te zien in de gebouwen waar tegenwoordig allemaal hotels en restaurants zijn gevestigd. De laatste jaren is het toerisme enorm gestegen. je kunt volop winkelen, lekker eten en tours boeken waar je echt de bergen ingaat. Ik had vooraf al een driedaagse tour geboekt. Omdat we niet direct het hotel in konden, hebben we eerst een wandeling naar beneden gemaakt. Prachtige uitzichten ondanks de wolken en regen. Beneden werd een dansvoorstelling gegeven. Niet heel bijzonder maar voor even best vermakelijk. De middag hadden we vrij om het dorpje te bekijken.

Franse bouwstijl

Franse bouwstijl

Dansvoorstelling

Dansvoorstelling

De volgende dag vertrokken we vroeg voor een tweedaagse wandeltocht. Onze gids, Ti (‘like in the drink’) heeft ons een prachtige ervaring meegegeven. Tijdens de wandeling was het voortdurend genieten van de uitzichten over de bergen en rijstvelden. Onderweg kwamen we veel bijzondere mensen tegen. Er leven in Sa Pa verschillende bergvolkeren, zoals de zwarte-Hmong en de rode Dao. Elk volk spreekt zijn eigen dialect. Tijdens de wandeltocht loopt er een hele stoet mee. Ze willen je graag helpen, wat nodig was omdat er door de storm en regen hele stukken land waren verschoven.  En ze zijn nieuwsgierig naar je persoonlijke achtergrond. Let op, want aan het eind van de tocht willen ze vooral dat je spullen van ze koopt ‘I helped you, you now buy from me’. Ook als je al iets gekocht hebt is dat geen reden om te stoppen met proberen: ‘yes but you buy not from me’. Dat gaat maar door, tot je heel duidelijk nee zegt. Niks is gratis. Het was echt afzien door alle moeder. We zagen er niet uit.  Ook moesten we andere routes lopen doordat de paden onbegaanbaar waren, en dus kwamen we via de jungle aan bij onze homestay.

 

Uitzicht tijdens de wandeling

Uitzicht tijdens de wandeltocht

Uitzicht tijdens de wandeltocht

Uitzicht tijdens de wandeltocht

We werden heel hartelijk ontvangen door de mensen van onze homestay. Een vader van 25, een moeder van 25, drie kinderen en een geadopteerde zoon van 16. En een vierde kind op komst. De mensen hier trouwen zo rond hun zestiende, ze worden uitgehuwelijkt en starten vrijwel direct een gezin. Deze mensen waren enorm aardig. We kregen wat te eten en drinken, moesten onze vieze kleding en schoenen afgeven zodat ze die konden schoonmaken en we konden douchen. Ze hadden het naar Vietnamezen maatstaven vrij goed voor elkaar. Na het douchen hielpen we met koken. Het voorwerk dan, koken wilden ze zelf doen. Het duurde even maar ik heb zelden zo goed gegeten. Vers gebakken chips met knoflook, roergebakken biefstuk, kalfsvlees, de lekkerste spring Rolls ever, roergebakken waterkers, champignons en natuurlijk rijst. Na het eten werd er wat gitaar gespeeld en gezongen en om half negen gingen we naar bed. Alle bedden waren voorzien van zelfgemaakte dekens en kussenslopen en een klamboe. Iedereen was zo moe dat we vrijwel direct in slaap vielen.

Deel van onze homestay

Deel van onze homestay

De volgende ochtend kregen we stapels pannenkoeken als ontbijt. Na mij negende (‘eat or you’ll be hungry’) was ik wel klaar voor de nieuwe lange dag. Wat overigens wel grappig was, is dat de kinderen in een vrij armoedige omgeving opgroeien maar wel een iPod hadden waar ze op speelden. Geen tv, daar hadden ze er een van in het dorp. Een beetje zoals in de jaren zestig in Nederland, met zijn allen kijken bij de buren. De opa en oma waren ‘s ochtends hard aan het werk om alle maiskolven naar de dieren te brengen. Een behoorlijke klus want het waren er honderden. Iedereen in de familie helpt mee Met het bedrijf.

Maïskolven

Maïskolven

We waren dus goed gevuld klaar voor de nieuwe tocht. we kozen voor de moeilijke optie en dat betekende weer steile stukken omhoog, door riviertjes, bamboebossen en paden die weg waren gesleten door de hevige regenval. Vandaag hadden we geluk met het weer, blauwe lucht en zon. Dat zorgde er wel voor dat iedereen binnen tien minuten helemaal bezweet was. Maar elk uitzicht was de moeite waard. Onderweg kwamen we langs enkele schoolgebouwen. De kinderen gaan alleen in de ochtend naar school omdat ze daarna moeten werken. Alle gebouwen zijn geel en voorzien van vlaggetjes, dat maakt het meteen heel vrolijk. Rond drie uur in de middag kwamen we aan en na een uitgebreide lunch werden we om half vijf opgehaald voor de terugreis naar Hanoi. Ik had geen geluk met de medepassagiers. In het bed onder mij lag een Vietnamese die niks zei, en aan de andere kant lagen vader en moeder met een baby en kind van ongeveer twee. Ze gingen op familiebezoek in Hanoi. Gelukkig waren de kinderen rond tien uur stil. Ik heb alsnog vrij goed kunnen slapen. Als ik vanavond de trein naar Hue neem hoop ik wel op wat gezelliger reisgezelschap.

In elk geval was dit weer een fantastische trip. Ik kan iedereen de tocht van Intrepid aanraden, en dan met name de combinatie met de gids Ti en de homestay bij haar nicht.

Vandaag wordt een dagje doorkomen in de hotellobby. Misschien ga ik nog naar het Museum of Ethnology maar dat zie ik vanmiddag wel. Een kamer voor nu kost 75 dollar, belachelijk veel, maar ik kan een paar uur gebruik maken van de kamer van een van de Australische reisgenoten van Sa Pa. Dat is fijn, kan ik in elk geval even douchen en de tassen herpakken. Na vier nachten is dat wel nodig.

Een van de kinderen van de homestayfamilie

Een van de kinderen van de homestayfamilie

Ons reisgezelschap

Ons reisgezelschap

Vanavond om 23.00 de trein naar Hue!

Nog een paar plaatjes:

image

image

image

image

This train is not really bound for glory..

Daar lig je dan, op een bed van 50 bij 160 cm, met onder je een Vietnamese vader met kind, en aan de andere kant van de coupe een Vietnamese moeder en dochter. Je ligt dus boven. Dat betekent dat het enige tussen jouw en de vloer beneden een stang van 16 cm breed is. Praten doen de reisgenoten niet, alleen in het Vietnamees. Nog tien minuten en dan start de treinreis. Gelukkig maar negen uur te gaan..

Dat is dus zo’n beetje de situatie op dit moment. Op naar Sapa, het dorpje in de bergen van Vietnam. We hebben een bijzondere start van deze tour gehad. Om 18.30 uur werd ik opgehaald, samen met een Australische vrouw, die in Londen woont en net zes maanden in Cambodja had gewerkt. Vervolgens twee Australische meisjes opgehaald. Er zou nog een vijfde persoon bij komen maar die had volgens de gids geen bevestiging verstuurd dus we gingen eerst maar eten bij een local restaurant.

Ik ben nu al vijf dagen in Hanoi maar deze plek had ik nog niet gezien. We liepen een klein, druk, naar bier en rook ruikend ‘restaurant’ in. Maar restaurant is een groot woord, leg betonnen platen neer, bouw er muren omheen en zet er zoveel mogelijk plastic stoelen en tafels neer en je hebt een verbeterde versie. Boven aangekomen moesten we zitten en vertelde de gids trots dat we local food gingen eten. De Australische vrouw keek vanaf het moment bij binnenkomst tot en met het instappen van de trein alsof ze net tot drie jaar Hanoi Hilton, de gevangenis waarin de Amerikanen gedurende de Vietnamoorlog werden opgesloten, was veroordeeld. Een van de Australische meisjes, India,  was vegetarisch. We kregen twintig spring rolls met beef voorgeschoteld.. Tash, de andere aussie, en ik kregen er acht op. Erg lekker overigens. De guide was continu aan het bellen, hij kreeg het hotel waar aussie nummer vijf zat te wachten maar niet pakken. Miss Hanoi Hilton keek nog steeds stuurs voor zich uit. Gezelligheid troef. Toen er vervolgens twee gigantische schotels met deepfried fish en beef werden neergezet kwamen India, tash en ik niet meer bij. Gelukkig mocht ik een biertje pakken uit de koeling. Detail was dat deze alleen als kast diende, de stekker zat er niet eens meer aan. Nog beter werd het toen de guide terug kwam. Of we het eten maar wilden laten staan. Hij wilde langs het hotel rijden omdat hij zich tot enige zorgen maakte. Met enige logica had je de volgorde omgedraaid maar ach, we waren op een of andere manier niet meer verbaasd.

Snel de bus in op weg naar het hotel.  Daar stond inderdaad een volgende aussie te wachten. Ze zat al twee uur naast de telefoon, had het headquarters  van Intrepid al gebeld maar kreeg niemand te pakken. We reden naar een volgend restaurant. Bij het uitstappen zagen we een van mijn favoriete restaurants verschijnen: Koto. Ik heb daar drie keer heerlijk gegeten. Het is een bedrijf van een Australische Vietnamees die in zijn restaurant probleemjongeren een kans biedt een plek te vinden in de maatschappij. Een soort Jamie Olivier dus.  We staken de straat over en liepen naar binnen.  Bij Pho24, in het pand ernaast dus.  We hadden nog maar 25 minuten om bij het station te komen en meer dan noedelsoep, kant-en-klaar, zat er dus niet in. Binnen werd gerookt. Miss Hilton stond op het punt niet in maar onder te trein te stappen.

Op het station aangekomen bracht de gids een pak koekjes. ‘You have to eat something miss’! Dat was dan wel weer aardig Van hem. In de trein kregen de vier Australiërs met zijn vieren een coupé.  Wel begrijpelijk maar jammer voor mij. Ik had liever met Miss Hilton geruild.  Die lag binnen vijf minuten op haar bed een boek te lezen. Ik denk dat het morgen wel goed komt met haar. Ze was gewoon moe na een lange en drukke dag Hanoi en wilde slapen. Anyway, ik mocht de coupé ernaast hebben.

Dus daar lig ik dan, op een bed van 50 bij 160 cm, met onder mij een Vietnamese vader met kind en aan de andere kant van de coupé een Vietnamese moeder en dochter. Ik lig dus boven. Dat betekent dat het enige tussen mij en de vloer beneden een stang van 16 cm breed is. Praten doen de reisgenoten niet, alleen in het Vietnamees. De treinreis is inmiddels gestart.  Gelukkig nog maar acht uur en drie kwartier te gaan. Leve de iPad..

Weltrusten!

Weltrusten!