Categorie archief: Geen categorie

Onderwijs doet ertoe, voor ons allemaal

Ik mag dan wel met griep op bed liggen, maar ben in gedachten bij de collega’s die vandaag staken. Want we kunnen zelf blijven zeggen dat leerkracht basisonderwijs een prachtig beroep is, het wordt tijd dat anderen dit ook onderkennen en waarderen. Te beginnen vandaag met de politiek.

Door de middelen te geven om klassen te verkleinen en de werkdruk te verlagen.

Door het salaris gelijk te trekken aan dat van de leerkrachten die op het voortgezet onderwijs werken. Omdat dat niet meer dan logisch is. En om het vak aantrekkelijker te maken zodat het leerkrachtentekort afneemt ipv toeneemt.

En dan zijn we er nog niet. Want het vak moet weer een serieuze status krijgen in Nederland. En daar moet nog veel voor gebeuren. Bij de ouders, door in te zien dat hun kind niet de enige is in een klas van 30 en door vertrouwen te hebben dat hun kind de juiste en passende aandacht krijgt. Maar natuurlijk ook bij ons, de leerkrachten zelf. Door te staan voor ons vak, door dat vertrouwen van ouders te verdienen.

Dat begint vandaag. Staken omdat het tijd is voor verandering. Voordat het echt te laat is.

Het onderwijs doet ertoe, voor ons allemaal.

#poinactie #staking #onderwijs

70

Vandaag wordt mijn vader 70. Van 1946 dus. Net na de Tweede Wereldoorlog.  Jongste in het gezin. Een echte Haarlemmer.

Sinds 1980 ben ik de gelukkige die hem als vader heeft. Voorheen Joop, inmiddels opa Joopa, van Fien en Saar. De gekke opa, lieve opa, die altijd klaar staat, met je speelt, je zonder enige twijfel en geduldig op zijn schouder in slaap wiegt. En vaak net zo graag klein kind is als de twee kleine dames.

De vader van het wandelen in de bergen in Frankrijk, kijken langs de weg naar de Tour de France, onze eigen forel uitzoeken en op de camping opeten, dammen bouwen in de rivier, het vertellen van verhalen voor het slapen gaan. En later wijntochten maken, kaarten onder de luifel en speciaalbiertjes drinken op het terras.

De vader van de schaatstochten bij Jisp, fietsen rond Haarlem, kijken naar Batman en Happy Days. Op zondag naar de Aloysiusschool om na te kijken terwijl ik de gymzaal voor mij alleen had, de school waar mijn eerste klassenfeest gehouden werd. Waar hij ons hielp bij het maken van de sinterklaassurprises. De school waar hij ruim 40 jaar werkte en nu jaarlijks op 5 december een speciale rol vertolkt.

De leraar dus. Thuis irritant vaak overhoren wanneer er een biologietoets gemaakt moest worden en hij precies de dingen vroeg die ik net niet wist..

De liefhebber van de Rolling Stones, Q65, the Kinks en de blues.

Coach bij het schoolvoetbal van de Kardinaal Alfrinkschool.

Voetballer bij DSS, trainer en coach bij DSS, en nu nog steeds actief als scheidsrechter en de bestuursdienst bij DSS. Meer dan 40 jaar lid.

De vader die hutten met mij bouwde in de achtertuin. De boom in klom en dacht dat hij dat een paar jaar geleden nog steeds kon zonder ongelukken..

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar het lijkt mij een duidelijk verhaal. Een vader van weinig woorden, maar wel een gevoelsmens. De lieve echtgenoot, vader voor Jitske en mij, en nu dus opa van Fien en Saar.

Kijkend naar het rijtje hierboven beginnen de gelijkenissen steeds meer vorm aan te nemen. De eigenwijsheid laten we maar achterwege.. Maar ook anders, iemand die niet zo graag op de voorgrond treedt, kan genieten van de kleine dingen. Die zijn 70ste verjaardag viert met zijn gezin. Vanavond met elkaar lekker eten en een goede borrel drinken. En zondag wellicht ook in de bestuurskamer van DSS.

We zeggen het niet vaak, maar ik ben ongelooflijk trots op hem. En ik hoop dat ik over tien jaar nog steeds kan zeggen (ondanks dat vreselijke nummer): ‘Ik lijk steeds meer op jou’.

Cheers!

15134689_10206268333021445_4222229304340664256_n

15068403_10206268331141398_8543631471865455095_o

15036270_10206268331181399_5477434646883070347_n

15135878_10206268331221400_31598649408431493_n

15078768_10206268338581584_1452059124868515596_n

15095003_10206268333141448_8370852427858669632_n

15085636_10206268331341403_4354052612640266136_n

15135960_10206268332781439_6140875369657014234_n

15055615_10206268332941443_7651198919008487673_n

15036579_10206268335261501_3381462576214106921_n

15027949_10206268335221500_1661577153093313570_n

15078841_10206268336061521_1283006128068255728_n

15027819_10206268336301527_3522205825653430955_n

15027428_10206268335461506_3289884692328898706_n

15056246_10206268336581534_1060054904526466786_n

14705772_10206268334941493_232197332615287319_n

15095612_10206268333541458_1398844718694708293_n

15095116_10206268333741463_2508740612492879704_n

14993459_10206268337301552_4740861875508995101_n

15107474_10206268337341553_955778119705533087_n

Topsport in Nederland begint bij onszelf

In een column van Thijs Zonneveld las ik over topsport in Nederland en het gebrek aan steun van de Nederlandse politici om zorg te dragen voor een écht topsportklimaat. Algemeen komt het erop neer dat de inzet van ouders en een portie geluk belangrijk zijn om te slagen als topsporter, maar dat de politiek achterblijft. Ik heb niet veel verstand van politiek, maar ik denk wel dat er meer dan dat nodig is om het topsportklimaat te krijgen waar Thijs op doelt. En dat heeft met ons allemaal te maken.

De afgelopen dagen heb ik genoten van alle olympiërs. Niet alleen van de bronzen, zilveren en gouden medailles. Winst is natuurlijk mooi, maar sport kent veel meer verhalen. Het verlies van de zwemmers en judoka’s en de manier waarop zij direct na afloop naar zichzelf wijzen als oorzaak voor de tegenvallende prestaties. De val van Epke, die daarna op een geweldige wijze zijn oefening afmaakt. De hockeyers die na een fantastische wedstrijd tegen Australië onderuit gaan tegen België, en na afloop huilend beseffen dat ze een slechte wedstrijd speelden. En Dafne Schippers, die niet tevreden is met zilver omdat ze maar één doel voor ogen had: goud. Ook dat is topsport: jarenlang alles opzij zetten om goud te halen en dan (in eigen ogen) falen omdat de medaille een zilveren kleur heeft.

En daarmee kom ik bij onszelf: de kijkers die via tv, internet of radio van alle prestaties mogen meegenieten. Wanneer er wordt gewonnen zijn we lyrisch. Op twitter, in de media. Eigenlijk waren de medailles voorafgaand aan de Spelen al verdeeld. Bij winst hebben ‘we’ het geweldig gedaan. Maar wanneer de prestaties tegenvallen zien we ineens een andere kant van onze cultuur. Zeker op twitter heeft iedereen een mening over de oorzaak van het falen en de manier waarop de sporters hiermee omgaan.

Direct na afloop van een prestatie wordt de sporter voor de camera gehaald om zijn verhaal te doen. Het is enorm knap als je dan, zoals bijvoorbeeld Henk Grol, realistisch en met een goede portie zelfreflectie kunt vertellen wat er misging. Maar net zo knap vind de instelling van bijvoorbeeld Dafne Schippers, die voor goud ging en na afloop van haar inspanning baalt dat dat doel niet is gehaald. Natuurlijk is ze er over vier jaar weeer bij, en kan ze alsnog haar droom verwezenlijken. In verlies zit soms de sleutel tot succes. Kijk maar naar Marit Bouwmeester, die na de vorige Spelen boos en gefrustreerd was omdat ze ‘slechts’ zilver had, en na vier jaar keihard werken nu toch de gouden medaille won. Zonder die instelling was dit wellicht niet gelukt.

We lijken niet te beseffen dat alles op het juiste moment moet kloppen, en zelfs dan kan er nog van alles misgaan. De sporters zelf zullen als eerste beseffen wanneer ze hebben gefaald. Als niet-topsporters hebben we geen idee hoe het is om jarenlang zoveel inspanning te leveren en dingen opzij te moeten zetten om op het juiste moment te schitteren. Mag je dan gefrustreerd zijn als je niet hebt kunnen laten zien wat je had willen laten zien? Mag je boos zijn op jezelf en met een chagrijnige kop geen zin hebben om te praten met de journalist? Ik vind van wel. Sterker nog, het levert prachtige beelden op van mensen die gepassioneerd hun sport bedrijven. Voor zichzelf, niet voor de Nederlandse tv-kijker die met alle successen mee mag genieten. Ik moet er niet aan denken dat alles wat ik doe wordt gevolgd en ik na een slechte les of dag werken met groep acht meteen voor heel Nederland moet uitleggen waarom het niet goed ging. Zeker niet met vragen als ‘Wat gaat er door je heen? Hoe kun je dit verklaren? Wat voel je nu?’

We zouden trots moeten zijn op álle olympiërs. Op de medaille-winnaars, de teams die geweldige prestaties neerzetten, maar ook op de judoka die na 1 minuut klaar is met het toernooi, de fietser die na een harde val uitgeschakeld is, de zwemmer die niet kan pieken op het juiste moment en de schermer die in zijn eerste wedstrijd wordt uitgeschakeld. Diep respect voor mensen die zoveel jaar van hun leven, met de hulp van anderen, zorgen voor prachtige prestaties. Ik ben het met Thijs eens dat er meer kan worden gedaan in vergelijking met andere landen om een echte sportcultuur neer te zetten, maar zoals wel vaker kunnen we daar allemaal aan bijdragen door te beginnen bij onszelf. Hulde voor de sporters, ik kijk alweer uit naar vanmiddag en vanavond!

 

Jaap en Oda, en het Kleverpark

Een Kleverpark zonder De Ruyter

Een Kleverpark zonder De Ruyter

Kantoorvakhandel De Ruyter stopt. Jaap en Oda, de ouders van mijn goede vriend Jelle, sluiten de deuren na drie generaties en 63 jaar.

Geen Paniniplaatjes meer in het Kleverpark. Nooit meer pennen en potloden inkopen voor het nieuwe schooljaar. Niet meer stiekem kijken naar de bijzonder interessante tijdschriften voor volwassenen die bovenin de schappen lagen. Een einde van een tijdperk.

Een stapel persoonlijke herinneringen, dat blijft over. Bijvoorbeeld die keer dat Jelle en ik besloten een kraslot te kopen en de winst eerlijk te verdelen. Zelden werd er een groot bedrag gewonnen, maar wij waren in één minuut 500 gulden rijker.

Vroeger, toen basisschool De Ark nog de Kardinaal Alfrinkschool heette en het Kleverpark nog niet de hippe buurt was met Amsterdammers werkend in de creatieve sector en rijdend op bakfietsen, waren er meer van deze bijzondere winkels.

Zo had je op de hoek van de Velserstraat tegenover de basisschool de sigarenwinkel van Mevrouw de Waard. Daar vulde je vader elke week de toto in. En kocht hij zijn sigaren. Voor 5 cent kreeg je een colaflesje of een geel-roze lolly. Voor 10 cent een smile of trekdrop en als je echt mazzel had (en een gevulde portemonnee) mocht je fireballs meenemen. Na schooltijd meteen naar de overkant rennen om je zakken te vullen met snoep, wat een weelde. De kinderen die nu op de Ark zitten zullen jaloers zijn. Mevrouw de Waard woonde achter de deur achter de toonbank. Nooit kwam je daar binnen, maar altijd was je nieuwsgierig wat er zich achter die deur bevond.

Op de eerste hoek van de winkelstraat iets verderop had je slijterij Bodde. Een wat donkere zaak vol met bijzondere bieren, wijnen en verder alles waar alcohol in zit. Meneer en mevrouw Bodde waren aardig, namen de tijd voor een goed gesprek, vroegen hoe het op school ging. En natuurlijk mocht je als 10-jarige een fles jonge jenever voor je vader meenemen. Ze wisten dat het goed was.

Buurtwinkels waar men de klant kent, de tijd neemt en helpt wanneer je op zoek bent naar een bijzonder product. Gespecialiseerd en vakkundig. Die winkels verdwijnen langzaam. In het Kleverpark bestaan ze gelukkig nog.

Andrea XL bijvoorbeeld. Vorig jaar vierde deze audio-, video en witgoedspecialist haar 50-jarig bestaan. Ook hier staan inmiddels alweer drie generaties aan de leiding: Nico, de oude baas die ik alleen van vroeger ken. Zijn zoon Peter, wiens jongste kind ik in de klas heb gehad en nu ook mijn generatiegenoot Johan.

Of Het Oude Zuivelhuis, waar ik vroeger bij het boodschappen doen een stukje worst kreeg (want wie houdt er in hemelsnaam van kaas..), en ik nu met collega’s regelmatig tijdens de lunch de lekkerste broodjes haal.

Bakkerij Van Vessem. Daar kreeg je als kind zakjes met broodkruimels mee. En op latere leeftijd fietste je om 6.00 uur bij het eerste ochtendlicht rechtstreeks vanuit de kroeg langs om een vers gebakken ontbijt op te halen.

Edelsmid Arjen Postema, die sinds 1984 sieraden verkoopt in zijn winkel op de hoek van de straat. Niet dat ik daar ooit iets heb gekocht, want wat moet ik met sieraden.. ;-) Maar het is toch prachtig dat er een edelsmid in deze winkelstraat is te vinden.

Mevrouw de Waard is helaas al een eeuwigheid geleden overleden. En daarmee verdween de sigarenwinkel. Meneer en mevrouw Bodde zijn ook al jaren terug gestopt. En binnenkort volgt dus firma De Ruyter.

Gelukkig zijn er inmiddels leuke winkels bijgekomen. De Kennemer Boekhandel bijvoorbeeld, Inz & Ouds en sinds kort lunchroom Cleeff.

Ik hoop dat er op de plek van De Ruyter weer een winkel terugkomt.  Een winkel waar men de klant kent, de tijd neemt en helpt wanneer je op zoek bent naar een bijzonder product. Gespecialiseerd en vakkundig. Net zoals Jaap en Oda dat waren.

 

Bekijk hier de site van De Ruyter, nu het nog kan..

Bekijk hier de site van het Kleverpark, de buurt waar het prachtig wonen is.

Bekijk hier de site van de wijkraad, met foto’s van vroeger..

Fairplay of duidelijke regels?

Vanavond was op het Jeugdjournaal een item te zien over een meisjesvoetbalteam dat uit het bekertoernooi is gezet. Het meisjesvoetbal is al jaren de snelst groeiende sport in Nederland. Naast de reguliere competitie kunnen teams zich ook inschrijven voor het bekertoernooi. Na een aantal poulefases met teams uit ongeveer dezelfde klasses en enkele knock-out fases spelen de finalisten allemaal in hetzelfde weekend om de eerste prijs op het terrein van Legmeervogels, een bijzondere ervaring voor al deze voetbalteams.

Doordat meisjes steeds beter gaan voetballen is het voor sommige selectieteams lastig gelijkwaardige tegenstanders te vinden in de competitie. Het komt regelmatig voor dat deze teams in een jongenscompetitie spelen. En niet onverdienstelijk. Deze teams zouden zich vanwege diezelfde weerbaarheid kunnen inschrijven voor het jongens bekertoernooi. De afgelopen jaren kozen enkele clubs ervoor om de teams toch met het meisjestoernooi mee te laten doen. Weliswaar enkele klassen lager, maar wel reglementair tegen leeftijdsgenoten.

Je kunt je natuurlijk afvragen of dit sportief gezien eerlijk is, aangezien de meisjesteams die normaal tegen jongens spelen vaak veel beter zijn dan de ‘reguliere meisjesteams’. Echter, de KNVB heeft dit jarenlang laten gebeuren. En zelfs gedurende het huidige seizoen gaf de KNVB aan dat dit binnen de regels toegestaan was.

Na enkele klachten van andere teams zijn de regels er nog eens goed op nagekeken. En blijkbaar waren ze met ingang van dit seizoen aangepast: meisjesteams die in een jongenscompetitie uitkomen mogen niet meedoen in het meisjes bekertoernooi. Reden voor de KNVB om vier dagen voor de finales meerdere teams uit de bekerfinales terug te trekken. Via een nieuwsbericht op vrouwenvoetbalnieuws wordt hier het volgende over geschreven: ‘Het is een vorm “prijzen” pakken, competitievervalsing en levert totaal geen bijdrage aan de term opleiden en ontwikkelen! En het is geen Fair Play voor de teams die wel in een meidencompetitie spelen.’

Natuurlijk is het de vraag of het rechtvaardig is om deze goede meisjesteams mee te laten spelen in het reguliere bekertoernooi. Maar waarom komt de KNVB pas vier dagen voor de finales met deze maatregel terwijl er al in december over gecommuniceerd is? Waarom wist niet iedereen binnen de KNVB van deze regels, en werd er eerst een positief advies afgegeven? En waarom houdt de KNVB niet tijdens het bekertoernooi dit soort zaken in de gaten, maar komt ze pas aan het eind van het seizoen met een dergelijk besluit? Waarom zorgt de KNVB niet voor een heldere communicatie naar de clubs, waarbij voorafgaand aan het seizoen duidelijk is wat de regels zijn? En hoe kan de KNVB clubs hierop afrekenen terwijl binnen de eigen organisatie niet iedereen op de hoogte is van de aanpassingen van het reglement?

Feit is dat er meerdere jeugdteams zijn die het hele bekerseizoen, van poulefase tot achtste, kwart- en halve finales mochten meevoetballen en op het allerlaatste moment horen dat ze teruggetrokken worden. Terwijl deze speelsters echt niks kan worden aangerekend. Zij spelen voor hun club, strijden voor de overwinning en willen vooral voetballen.

Laat een organisatie als de KNVB eerst eens zorgen voor heldere regels, duidelijke communicatie hierover en met name zorgdragen dat hun eigen medewerkers die hier besluiten over nemen zelf op de hoogte zijn van de juiste regels. En wellicht is enige zelfreflectie wat vaker nodig. Want als de KNVB zo graag een eerlijke competitie nastreeft en een zo hoog mogelijk niveau wil bereiken, dan mogen ze ook eens kijken naar een andere regel: nieuwe teams, hoe goed ook, mogen zich niet meteen in een hoge klasse inschrijven. Eerst moeten ze, zonder enige weerstand, kampioen worden in de laagste klasse. Om zo pas na enkele jaren tegen teams van eenzelfde niveau te mogen voetballen. Is dat aandacht voor ontwikkeling, sportiviteit, fair play?

Wat ontzettend zuur voor de meisjes die zich verheugd hadden op een mooie finaledag. Ik hoop dat de KNVB van deze situatie leert en eens goed in de spiegel kijkt, in plaats van alle schuld bij de clubs neer te leggen. Deze manier van communiceren verdient geen schoonheidsprijs, getuigt van nul zelfreflectie en zorgt in plaats van spelplezier voor spelbederf. Geef het goede voorbeeld aan de speelsters, en zorg voor een duidelijk beleid waarin voetbal, plezier en sportiviteit centraal staat. Ik wens alle teams, begeleiders en vrijwilligers die zich inzetten voor het voetbal en wél in de finales staan komend weekend veel plezier en succes.

Het item van het Jeugdjournaal is hier terug te bekijken.

2 Minuten

Vandaag herdenken we net als elk jaar op 4 mei de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en alle oorlogssituaties en vredesmissies nadien.

Voor mij blijft het niet bij de Nederlandse slachtoffers. Ik sta stil bij iedereen die gestreden heeft voor de vrijheid die wij nu kennen in Nederland. De vrijheid om te leren, te werken, lief te hebben, te stemmen, te zeggen waar je voor staat. De vrijheid om op een zonnige vakantiedag op een tuinbank te liggen, zonder bang te hoeven zijn voor kogels in de straten. Zonder de angst dat iemand wordt opgepakt vanwege het verkondigen van een mening.

Die vrijheid hebben wij gekregen, en het vraagt een gezamenlijke verantwoordelijkheid deze vrijheid te behouden. Luisteren naar elkaar, op respectvolle wijze. Zonder onnodig kwetsend te zijn. Een plek bieden aan de mensen die niet het geluk hebben gehad in een land als Nederland op te groeien. Of dat nu hier is of elders in en om Europa.

Zo’n 70 jaar geleden werden we gered door een grootse gezamenlijke inspanning die is geleverd. Door mensen die van ver kwamen, lang niet allemaal hier waren opgegroeid. Zij streden niet voor hun eigen plek. Zij streden voor ons, en vrijheid voor iedereen. Daar kunnen wij nu nog steeds van leren.

Morgen vieren wij onze vrijheid.

Hopelijk kunnen de mensen die nu in een haast hopeloze situatie zitten, of dat nu in Syrië, Afghanistan of Oekraïne is, dat in de toekomst vieren, zoals wij dat morgen doen.

Daar denk ik vanavond aan.

Erebegraafplaats Margraten

Erebegraafplaats Margraten

Over adviezen, eindtoetsen en kansen in het onderwijs

De krantenkoppen liegen er niet om: ‘Geen gelijke kansen in het onderwijs’, ‘Cito-toets’ moet terug’. Nu het advies van de  basisschool de doorslag geeft zouden de kansen in het onderwijs niet gelijk zijn voor elk kind en klinkt de roep om de cito-toets terug te halen. Waarom is dit een slecht idee?

Laten we eerst kijken waarom we de verplichte ‘cito-toets’ hebben afgeschaft. Want ja, dé cito-toets bestaat niet meer. Er zijn drie eindtoetsen waar scholen gebruik van kunnen maken. Daarvan wordt er één ontwikkeld door Cito, maar er zijn ook eindtoetsen van A-Vision en Bureau ICE. Jaren geleden gaf de citotoetsscore de doorslag voor het bepalen van het onderwijsniveau van een groep acht leerling. Dus acht jaar onderwijs en kennis over de kinderen werden getoetst binnen drie dagen en samengevat in één getal tussen de 500 en 550, op basis waarvan het gepaste advies werd gegeven. Had je een slechte week als leerling, jammer dan. Vaardigheden waren blijkbaar niet nodig om een bepaald onderwijsniveau te halen, deze werden immers ook niet getoetst. Ontwikkeling speelde ook geen rol.

Na jarenlange strijd binnen het onderwijs is deze manier van ‘selectie aan de deur’ eindelijk voorbij. Basisscholen gebruiken hun opgebouwde kennis over de kinderen en hun ontwikkeling om tot een advies te komen. Meestal in combinatie met de zgn leerlingvolgsysteemtoetsen van cito, waarbij niet gekeken wordt naar één toetsmoment maar naar de ontwikkeling van groep 6 t/m groep 8.

Natuurlijk zijn er wel eens twijfels. Leerkrachten hebben geen glazen bol waarin ze de onderwijsloopbaan van hun groep achters mee kunnen voorspellen. Omdat in sommige gevallen een objectieve toets kan meehelpen in de advisering wordt in april door alle basisscholen verplicht een eindtoets afgenomen. Niet de cito-toets dus, scholen kunnen kiezen uit drie gecertificeerde toetsen. Wanneer het bij de uitslag passende onderwijsniveau lager is dan het advies, verandert er niets. Het kan zijn dat een kind een slechte dag had.. Wanneer het bijpassende onderwijsniveau hoger is dan het schooladvies, dan is de basisschool verplicht het advies te heroverwegen. En in overleg met de ouders en het kind kan het advies nog worden bijgesteld naar boven.

Genoeg mogelijkheden dus om kinderen met van huis uit ‘minder kansen’ op basis van een objectieve toetsscore een advies te geven passend bij de ontwikkelingsmogelijkheden. Zonder kinderen onrecht aan te doen door één enkele toetsscore bepalend te maken voor de schoolloopbaan.

Is alles dan goed georganiseerd? Nee, dat zou te makkelijk zijn. We delen kinderen veel te vroeg in op één niveau. In het voortgezet onderwijs zouden de op- en afstroommogelijkheden groter moeten zijn zonder dat de scholen daarbij worden afgerekend. Zijn het niet dezelfde kranten met hun ‘examenlijstjes’ die nu roepen dat de kansen niet gelijk zijn?

Daarnaast blijft de terugkoppeling van het voortgezet onderwijs naar het basisonderwijs belangrijk. Monitor de advisering goed, kijk hoe de kinderen het op de diverse scholen doen na hun advies en geef dit terug aan de basisscholen. Samen zullen we moeten zorgen voor zoveel mogelijk kansen voor alle kinderen.

Overigens, toen de ‘citotoets’ nog leidend was schoten de ‘bijles-bureaus’ als paddestoelen uit de grond. Ouders die het zich konden veroorloven lieten kinderen oefenen, net zolang tot ze de toets op het gewenste niveau konden maken. Zijn dat gelijke kansen?

Geef het onderwijs nu eens het vertrouwen, zonder na een jaar alweer af te geven en terug te willen naar oude systemen. 10 Miljoen bondscoaches zijn al vervelend, maar daar heeft slechts één bondscoach last van. We hebben het nu over tienduizenden professionals die bewust gekozen hebben voor het onderwijsvak, omdat zij echt willen bijdragen aan de ontwikkeling van de toekomst: de kinderen die nu op school zitten.

Oh, een persoonlijke noot voor minister Bussemaker, staatssecretaris Dekker en alle kranten die over dit onderwerp schrijven: stop met de term cito-toets wanneer jullie het hebben over de eindtoets.  Cito is een merk, we noemen ook niet alle auto’s BMW..

 

 

Waar denk je aan?

‘Waar denk je aan’ vraagt facebook. Zittend op een bankje op perron 2 van station Hilversum Sportpark lees ik de vraag. Op een plek waar weinig gebeurt. Een rustige wereld zo lijkt het. Niets is minder waar.

Ik zou vandaag willen denken aan de intocht van Sinterklaas. Kinderen in Nederland kijken er al weken naar uit. Vol verwachting en spanning langs de kade staan en hopen dat het ondanks de mist toch gelukt is de stoomboot naar Nederland te krijgen. Denken aan vrolijke gezichten, zingende kinderen, gestrooi met pepernoten. Een kinderfeest dat overigens steeds vaker gekaapt wordt door volwassenen die op kinderlijke wijze niet naar elkaar luisteren en eigenaar van dit feest menen te zijn.

Ik zou willen denken aan de teams van DSS die vandaag wel voetballen, in tegenstelling tot onze eigen toppers van de MB1 die een dag vrij zijn.

Ik zou willen denken aan de invulling van dit weekend: de vergadering bij de VARA, de verjaardag van vanavond, het ‘uitzwaaien’ van familie die eind deze maamd naar Australië reizen om de bruiloft van mijn neef bij te wonen.

Ik zou willen denken aan de komende schoolweek en de groep achters die het werken op de Ark extra leuk maken. Allemaal dingen die mijn leven de moeite waard maken. Familie, vrienden, werk, sport.

Gisteravond waren veel jonge Parijzenaars met hetzelfde bezig: hun leven de moeite waard maken. Een concert bezoeken, samen uit eten gaan. Elkaar opzoeken in een bruisende wijk in een wereldstad. Op een plek waar veel gebeurt, in tegenstelling tot station Hilversum Sportpark.

Zij waren op de verkeerde plek op het verkeerde moment, zo las ik net op een nieuwssite. Daar leg ik mij niet bij neer. Zij waren op de juiste plek, op het juiste moment. De vier terrorristen die de vreselijke aanslagen pleegden hoorden daar niet te zijn.

Waar ik nu aan denk? Aan de doden en gewonden die gevallen zijn. Aan de familie en vrienden van de slachtoffers. Aan de mensen die het overleefd hebben.

En hoe we dit uitleggen volgende week aan de groep achters. Hoe krankzinnig sommige mensen denken en het geloof misbruiken om de meest verschrikkelijke dingen te doen. Vroeger ging het over kinderen in oorlogsgebieden, ver weg. Nu gaat het over een plek waar een van de kinderen drie weken geleden rondliep.

Leg dat maar eens uit. Daar denk ik aan. En nee facebook, dat vind ik niet leuk.

image

 

Afbraak van talent? Afbraak van vertrouwen en kansen!

In ‘Onderwijsblad’ van 7 maart schrijft Ton van Haperen in zijn wekelijkse column over de ‘afbraak van talent’. Hij suggereert dat kinderen te vroeg in twee stromen worden verdeeld in het basisonderwijs en dat mede dankzij de nieuwe toelatingsprocedure ‘de institutionele afbraak van talent wordt geïntensiveerd’. Dat vraagt om een korte reactie.

Ton van Haperen beschrijft dat de afname van de nieuwe eindtoets kinderen op twee kennisniveaus toetst. En dat basisscholen daarom hun leerlingen in twee stromen verdelen. Het klopt dat de nieuwe eindtoetsen vooral gericht zijn op de vakgebieden lezen, taal en rekenen. Hij vergeet erbij te vermelden dat de eindtoetsen ook extra onderdelen hebben zoals bijvoorbeeld ‘wereldoriëntatie’ en ‘functioneren’. Deze zijn echter niet verplicht.

Maar dat basisscholen hun leerlingen in twee stromen verdelen is iets wat ik in het basisonderwijs nog niet ben tegengekomen. Sterker nog, als er één onderwijsvorm is waar kinderen van verschillende niveaus bij elkaar in de klas zitten is het wel het basisonderwijs. Kinderen die pas na groep acht uiteen gaan in diverse richtingen, van praktijkonderwijs, vmbo-b, vmbo-t, havo tot vwo. Deze niveaus komen ook terug in de rapportage van de eindtoetsen, en niet zoals Ton van Haperen zegt alleen op vmbo en havo/vwo niveau. Zie deze site bijvoorbeeld. Tot en met groep 8 worden deze kinderen zo goed mogelijk passend bij de diverse niveaus geholpen zich verder te ontwikkelen. Adaptief en passend onderwijs noemen we dat. Ik spreek regelmatig VO-docenten die zeggen dat ze daar nog veel van kunnen en willen leren.

Ton van Haperen zegt dat de zgn tweedeling al in groep 6 begint. Geen idee hoe hij daar bij komt. Misschien bedoelt hij dat veel scholen de gegevens van het LVS op de gebieden rekenen en begrijpend lezen vanaf groep 6 gebruiken als één van de onderdelen waarop het advies wordt gebaseerd. Dit omdat gebleken is dat deze twee vakken de meest voorspellende waarde hebben voor de juiste advisering. En omdat je dan niet kijkt naar één toetsmoment, zoals de Eindtoets deed, maar naar een ontwikkeling van minstens drie jaar. Op deze wijze kun je als basisschool rekening houden met bijvoorbeeld een sterk groeiende of juist dalende lijn. Je rekent een kind niet af op één momentopname, zoals dat in het verleden wel vaak gebeurde.

Nogmaals, dit kan één van de onderdelen zijn waarop het advies wordt gebaseerd. In onze regio is dat het geval en wordt het zgn ‘uitstroomprofiel’ met daarop die ontwikkeling van drie jaar meegegeven aan het VO. Maar een basisschool kijkt natuurlijk  verder dan alleen naar die toetsuitslagen. Werkhouding, zelfstandigheid, motivatie, nieuwsgierigheid, concentratie, doorzettingsvermogen, huiswerkhouding, samenwerking: allemaal onderdelen waar naar gekeken wordt bij de advisering. En natuurlijk de andere resultaten die worden behaald op school.

Ton van Haperen verwijst naar de jaren 50 toen ‘de hoofdonderwijzer bepaalde wie op welke middelbare school toelating mocht doen’. Dat is op geen enkele wijze te vergelijken met deze tijd. Een advies wordt niet door één persoon bepaald. Zo praten op onze school de docenten van groep 7 en 8, de intern begeleider en de directeur mee. Samen kijken we wat volgens ons de beste plek is voor elk kind. En dat proces begint inderdaad vanaf groep 6. Zo komen ouders niet voor verrassingen te staan en voorkom je druk van ouders om adviezen aan te passen.

Dat laatste kan met deze toelatingsprocedure een probleem vormen, maar het is echt aan de basisscholen om dit te voorkomen. Transparantie, openheid, heldere argumenten en goede samenwerking met VO-scholen zorgen dat je met elkaar tot een passend advies komt. Daar heb je geen eindtoets voor nodig.

In de column wordt gesproken over afbraak van talent. Ik denk dat dit niet zozeer ligt aan de wijze van advisering, maar aan het gebrek aan mogelijkheden tot opstromen en afstromen in het VO. Middelbare scholen worden teveel afgerekend op eindresultaten. Hierdoor lijkt het  vaker voor te komen dat kinderen vooral steeds hogere gemiddeldes moeten halen voordat ze ook maar de kans krijgen op te stromen. Zittenblijven mag niet meer, dat is te duur. Er wordt vooral uitgegaan van zekerheid in plaats van vertrouwen. Niet op alle scholen, en zeker niet door alle docenten. Maar de tendens is zichtbaar.

Ik ben het met Ton van Haperen eens dat ons onderwijs nog meer mogelijkheden moet geven verschillende talenten te ontwikkelen. Niet te vroeg in hokjes stoppen, niet te vroeg kiezen. Zorg dus voor echte gemengde brugklassen, geef kinderen de kans zich te bewijzen en de mogelijkheid een stap terug te doen. Zonder hiervoor als school gestraft te worden.

Er wordt een karikatuur geschetst in het Onderwijsblad. Jammer, en onterecht. Ton van Haperen zou zich eens wat meer moeten verdiepen in het basisonderwijs en de leerkrachten voordat hij ze in een column neerzet als onwetende figuren die weinig kunnen melden over de ontwikkeling van een kind. Hij schrijft over een periode die past bij zijn eigen basisschooltijd. Er is sindsdien een hoop veranderd. Gelukkig maar.

Gemengde brugklas, dakpanklas, opstroomklas: zoek het uit!

Het is een ingewikkelde klus. Nadat je je advies hebt gekregen van de basisschool een top vijf samenstellen uit 28 middelbare scholen. Daar hebben alle kinderen die in groep acht zitten in Zuid-Kennemerland mee te maken.

Uniek in deze regio is de manier waarop er gecommuniceerd wordt naar kinderen en ouders over oa de aanmeldingsprocedure, lotingsprocedure en andere benodigde informatie. Het ‘brugboek’ is inmiddels een onmisbaar fenomeen. In dit boek staat een overzicht van de verschillende procedures, een introductie van twee pagina’s geschreven door alle 28 middelbare scholen en een handige kalender met een overzicht van alle open dagen, informatie-avonden en meeloopdagen. Alle kinderen in groep 8 in Zuid-Kennemerland ontvangen het brugboek. Dat helpt ze in hun keuzetraject.

De basisschool geeft geen schooladvies. Dat kan ook niet, aangezien er geen blauwdruk is voor de mate van succes van elke middelbare schoolcarrière. Dat is afhankelijk van de klas, de mentor, de leerkrachten en met name de kinderen zelf en hun thuisomgeving. Wel kan de school inzicht geven in de manier waarop scholen werken en hun school georganiseerd hebben.

Zoals bijvoorbeeld de brugklassen. Hoewel? Ook groep 8 leerkrachten lopen tegen de veelzijdigheid in brugklassystemen aan: dakpanklassen, opstroomklassen, gemengde brugklassen, havo+ klassen. Wat betekenen deze termen eigenlijk? Ik heb geprobeerd hier enige duidelijkheid in te brengen door middel van onderstaand overzicht.

Gelukkig kennen wij geen slechte scholen zijn in Zuid-Kennemerland . Ook wanneer je, ondanks de kleine kans, uitgeloot wordt staat de regio garant voor een passende plek voor elk kind op een goede school. Maar aangezien er nu echt een top vijf gemaakt moet worden is het wenselijk dat volgend jaar alle middelbare scholen duidelijk aangeven hoe ze de brugklassen organiseren en op welk niveau er les wordt gegeven. Een aantal scholen doet dit al, op naar 100% duidelijkheid!

Het overzicht tot nu toe, gebaseerd op het brugboek, de websites van de scholen en telefonisch contact waar mogelijk. Geen garantie dus voor 100% betrouwbaarheid, dit is wat ik uit alle informatie op kan maken.

1) Ik heb overal in enkelvoud geschreven, aantal brugklassen staan soms op de school-websites)
2) Vmbo-t is gelijk aan Mavo)


Atheneum College Hageveld
Atheneum met keuzevak Latijn (geldt voor alle brugklassen)

Coornhert Lyceum
Gymnasium brugklas
Atheneum brugklas
Havo/vwo brugklas*
Vmbo-t/havo brugklas*

* ‘Zowel in de gemengde havo/vwo- als de vmbo-tl/havo brugklas wordt er gedurende het gehele schooljaar per vak basisstof, herhalingsstof en verrijkingsstof aangeboden.
De beheersing van de basisstof leidt in ieder geval tot een bevordering vanuit de havo-vwo brugklas naar 2 havo en tot een bevordering vanuit de vmbo-tl-havo brugklas naar 2 vmbo-tl (= vmbo theoretische leerweg). Wanneer ook de verrijkingsstof goed is verwerkt, hetgeen onder meer blijkt uit betere cijfers voor schriftelijke overhoringen en proefwerken, vindt bevordering naar een hoger type vervolgklas plaats.’

Daaf Geluk
Leerwegondersteunden onderwijs vmbo-t / vmbo-k

Duin en Kruidberg Mavo
Mavo brugklas (lessen op niveau mavo)
Mavo/Havo brugklas (lessen gericht op doorstroom naar 2Havo, op een andere school)

Eerste Christelijk Lyceum
Gymnasium brugklas
Atheneum brugklas
Havo brugklas

In het eerste jaar van de Havo wordt gekeken naar de ontwikkeling van de kinderen, niet alleen naar resultaten maar ook naar vaardigheden en motivatie. Op basis hiervan kan besloten worden in dezelfde klas leerstof op Atheneum-niveau aan te bieden. Doorstroom naar 2 Atheneum is daarbij mogelijk.

Gymnasium Felisenum
Gymnasium brugklas

Prof. Dr. Gunningschool
Voortgezet speciaal onderwijs cluster IV gericht op vmbo-k en mavo

Haarlem College
Vmbo-b basis brugklas
Vmbo-b kader brugklas
Vmbo-b kader / Mavo brugklas

Haemstede-Barger Mavo
Mavo brugklas
Mavo/Havo doorstroom brugklas (Havo op een andere school, samenwerking met ECL)

Hartenlustschool Bloemendaal
Mavo brugklas

Ichthus Lyceum
Gymnasium brugklas
Atheneum brugklas (na halfjaar opstroom gymnasium mogelijk)
Havo brugklas

Kennemer Lyceum
Gymnasium brugklas
Atheneum brugklas
Havo brugklas

(door speciale omstandigheden kan havo/atheneum brugklas mogelijk zijn)

Maritiem College IJmuiden
Gemengde leerweg
Vmbo-b kader
Vmbo-b basis

Eerste twee jaar geen onderscheid in niveau.

Mendelcollege
Gymnasium / Atheneum TTO brugklas
Gymnasium brugklas
Atheneum brugklas
Havo brugklas
Mavo brugklas

In het schema in brugboek en op de schoolsite staan andere niveaus tussen haakjes. Dit geeft niet het niveau van de lesinhoud aan, maar de mogelijkheid tot opstromen. Aan het eind van het eerste jaar wordt gekeken naar het gemiddelde en de werkhouding en op basis daarvan eventueel gekozen voor opstromen. Met andere woorden: in de Mavo (Havo) brugklas wordt op Mavo-niveau lesgegeven.

Ik meen dat je aan het eind voor de vakken gemiddeld een 7,5 moet staan om door te kunnen stromen. (Sj)

Het Molenduin
School voor Voortgezet Speciaal Onderwijs
Praktijkprofiel gericht op: arbeid; vervolgonderwijs, arbeidsmatige dagbesteding

Montessori College Aerdenhout
Mavo brugklas (lessen op niveau mavo)
Mavo/Havo brugklas (na twee jaar gekeken naar eventuele doorstroom naar Havo, op basis van gemiddelde, op een andere school)

In tegenstelling tot wat veel mensen zeggen is er geen structurele samenwerking met het Sancta Maria.

Oost ter Hout
Praktijkonderwijs

Paulus mavo/vmbo
Leerwegondersteunend onderwijs Vmbo-t

Rudolf Steiner College
Havo/Vwo brugklas  (leerlingen met Havo of Vwo advies, daadwerkelijk gemengd)
Mavo/Havo brugklas (leerlingen met Havo of Mavo advies, daadwerkelijk gemengd)
Mavo Spaarnestroom (leerwegondersteuning)

Na twee jaar brugklas wordt een keuze voor Havo of Vwo gemaakt, waarbij Havo in vijf en zes jaar wordt aangeboden.

Sancta Maria
Gymnasium brugklas
Atheneum brugklas
Vwo / Havo brugklas

De site en brugboek vermelden dat ‘je kiest’ voor een brugklas. Onduidelijk is in hoeverre er sprake is van keuze en waarop deze keuze wordt gebaseerd. Volgende week meer informatie hierover. (Sj)

Praktijkschool De Schakel
Praktijkonderwijs

Het Schoter
Vwo TTO brugklas
Vwo brugklas
Havo brugklas
Mavo brugklas
Havo opstroomklas (lesinhoud op Vwo-niveau)
Mavo opstroomklas (lesinhoud op Havo-niveau)

Na het eerste jaar wordt bepaald of leerlingen opstromen naar het ‘hogere’ niveau. Op de site van het Schoter staan bij downloads alle toelatingsnormen.

Stedelijk Gymnasium
Gymnasium brugklas

Sterren College Haarlem
Vmbo-b (zowel basis als kader) brugklas
Vmbo-t brugklas
Alle niveaus Leerwegondersteuning mogelijk

Technisch College Velsen
Vmbo-b (lwoo)
Gemengde leerweg: Technische Mavo
Eerste twee jaar dezelfde brugklas.

Tender College IJmuiden
Vmbo (lwoo)
Praktijkonderwijs
Combi-onderbouw (tussen vmbo-b lwoo en praktijkonderwijs in)

Vellesan College
Vwo / Havo brugklas (eerste en tweede jaar bij elkaar)
Mavo brugklas
Vmbo-b brugklas

Wim Gertenbach College Zandvoort
Havo onderbouw (soms aparte klas, soms gemengd met Mavo), vervolg op een andere school.
Mavo brugklas
Mavo brugklas (lwoo)
(onduidelijk is nu nog wanneer je van Mavo naar Havo kunt overstappen)

We gaan er vanuit dat elke school oog heeft voor mogelijke opstroming, maar er zitten dus wel degelijk verschillen in de manier waarop dit wordt georganiseerd.

Kijk dus goed wat de betekenis is van een gemengde brugklas, op welk niveau er les wordt gegeven en op basis van welke normen een leerling kan opstromen.  En of je dan op dezelfde school kunt blijven of niet. Er valt wat te kiezen!