Alle berichten van sjoerd

Hallo, word eens wakker!

Lesgeven is een vak. Dat doe je niet zomaar. Natuurlijk, je kunt er talent voor hebben. Noem het gevoel. Zoals dat bij andere vakgebieden ook kan. Sterker nog, de beste leerkrachten zijn in mijn ogen diegenen die weten waaróm ze lesgeven. En die gedrevenheid stralen zij uit. Maar dan nog zal je er eerst voor moeten leren.

Omdat we nu een tekort aan leerkrachten hebben, en de verwachting is dat dit tekort zal stijgen, komen politici met zogenaamde oplossingen. Waarom zetten we geen kunstenaars voor de klas? Of onbevoegde leerkrachten? Nee weet je wat, we hebben toch studenten in dit land? Dit zijn geen oplossingen, dit zijn lapmiddelen om de echte problemen te verhullen. Ze gaan ten koste van de onderwijskwaliteit en dragen niks bij aan het ‘leraren’-tekort.

Het is nu zelfs zover dat vanuit de onderwijsbond AOB geadviseerd wordt een vierdaagse schoolweek in te stellen. ‘Liever vier dagen kwalitatief goed onderwijs dan groepen naar huis sturen.’ Wat een armoede. Beste politici en bestuurders, ga je schamen.

Ook nu weer nemen we het onderwijs niet serieus. We verdelen groepen kinderen, zetten intern begeleiders, directieleden of zelfs onbevoegden voor de klas om niemand naar huis te hoeven sturen. En nu dat steeds moeilijker wordt komen we met een vierdaagse schoolweek. Nog even en minder onderwijs is ineens de oplossing voor het lerarentekort.

Hallo, word eens wakker!

Collega’s uit het onderwijs: neem je eigen vak en jezelf serieus. Stop met klagen en jezelf voorbijlopen om de problemen die er zijn te verhullen. Geef les, want dat is wat je wilt en kunt!

Politici en bestuurders: zorg dat wij dit ook echt kunnen doen. Verklein de klassen en de werkdruk, vergroot het aantal opgeleide leerkrachten en verhoog het salaris. Zorg dat het vak aantrekkelijk wordt. Dát zijn oplossingen.

Ja, dit kost geld. En terecht, want goed onderwijs en daarmee de basis voor de toekomst van onze kinderen en ons land is heel wat waard.

Beschamend onderwijsbeleid in Nederland

Nederland zet kinderen in om het lerarentekort op te lossen. Ruim 20.000 groep 8 leerlingen staan vanaf dit schooljaar voor de groep. Natuurlijk hebben ze nog niet allemaal hun opleiding afgerond, maar de proef destijds met de Amsterdamse ambtenaren was ook een succes’, aldus minister Slob. ‘We verkleinen de klassen door kinderen niet erin maar ervoor te zetten en lossen meteen het lerarentekort op. Een win-winsituatie.’

Dit lijkt een absurd en lachwekkend nieuwsbericht, maar met het huidige onderwijsbeleid zou het mij niets verbazen als dit praktijk wordt. Met een minister die in een interview aangeeft dat je best in groepen van 60 kinderen les kunt geven. Omdat hij vroeger vijf keer hetzelfde verhaal stond te vertellen. Ik weet niet waar de minister de afgelopen 40 jaar heeft rondgelopen.

Dat een basisschoolklas inmiddels uit 28 kinderen bestaat die op hun eigen niveau onderwijs dienen te krijgen, om op die wijze aan te kunnen sluiten bij hun ontwikkeling, is de minister voor het gemak vergeten. Dat we tegenwoordig met Passend Onderwijs nog meer verschillen in één klas hebben laat hij ook achterwege. En dat scholen worden afgerekend op hun onderwijsresultaten waarbij nog steeds centrale toetsen een rol spelen komt al helemaal niet aan de orde.

En wat is nou eigenlijk daadwerkelijk de bijdrage van deze regering aan het oplossen van het lerarentekort? Is de absurde salariskloof tussen het basis- en voortgezet onderwijs verdwenen? Natuurlijk niet. Gaat er voldoende geld naar de scholen zelf om te zorgen dat er kleinere klassen worden gemaakt, om daadwerkelijk te kunnen voldoen aan het Passend Onderwijs? Helaas.

In dit land zijn we inmiddels zo ver dat we 60 ambtenaren (waarvan vier met de juiste opleiding) voor de klas zetten om het lerarentekort op te lossen. Maar dat is een schijnoplossing. De minister is als een huisarts die zegt: ‘U heeft last van uw knie tijdens het fietsen? Dan kunt u maar beter gaan zwemmen.’ De oorzaken worden niet aangepakt, er worden maatregelen getroffen om de pijnlijke oorzaken te verbergen. Het enige wat met dit beleid wordt bereikt is demotivatie, het belachelijk maken van een serieus en belangrijk vak en een nog grotere leegloop van opgeleide, enthousiaste leraren. Maar dat is niet erg, want we zetten gewoon ambtenaren voor groepen van 60 kinderen…

Volledig terecht dat PO in Actie is weggelopen tijdens het overleg over het lerarentekort deze week. Want waar het basisonderwijs zelf is begonnen met een nodige professionaliseringsslag, blijft de regering zich schandalig opstellen tegenover de onderwijssector.. Het werd tijd dat leraren zichzelf en hun beroep serieus namen. Zij hebben de handschoen opgenomen. Hoogste tijd dat deze regering dat ook eens doet. Maar het vertrouwen hierin is weg.

Ik zou me kapot schamen als ik minister van onderwijs was, met dit soort nieuwsberichten over Amsterdam.

Abrupt einde vakantie Indonesië

Toen ik in een eerder verhaal schreef dat vakanties in Azië nooit volgens plan verlopen, had ik niet verwacht dat ik vandaag in een kantoortje van een hotel vlakbij vliegveld Soekarno-Hatta in Jakarta mijn laatste vakantieverhaal van dit jaar zou schrijven. Nog een dagje hier doorbrengen en dan vlieg ik vanavond  rechtstreeks naar Amsterdam. In onderstaand verhaal zal ik proberen jullie mee te nemen in hoe ik de afgelopen twee dagen op Lombok ervaren heb,

Terug naar zondag. Omdat mijn rijbewijs was gestolen mocht ik geen scooter huren. Een medewerker van het guesthouse wilde mij wel meenemen op de motor om een deel van het eiland te laten zien. En dus zijn we die dag naar Kuta gereden om een aantal mooie stranden en dorpjes te bekijken. Voor Indonesische begrippen was het koud, 20 graden, en al een paar dagen waaide er een vrij harde wind over het eiland. Maar dat maakte het een prima dag om rond te touren.

Na een bezoek aan een dorpje waar alle vrouwen op traditionele wijze kleding vervaardigden en het bekijken van een Hindoestaanse tempel, was ik rond vijf uur terug in Senggigi. Bij een apotheek voor de zekerheid pilletjes tegen zeeziekte gekocht. Na het bezoek aan Gili Air (de volgende dag) zouden deze wel eens nodig kunnen zijn tijdens de vierdaagse boottocht naar Komodo en Flores.

Rond half acht ging ik eten in een tentje aan de weg langs het strand. Samen met twee Spanjaarden en twee Francaises waren we in gesprek toen ineens de grond begon te trillen. Dat was meteen al vrij heftig en alles om ons heen leek te bewegen. Binnen een paar seconden stonden we allemaal op straat. Mensen begonnen te gillen, spullen vielen om en auto’s en scooters stonden stil. Dit alles duurde slechts een seconde of 15. Natuurlijk was meteen duidelijk dat het om een aardbeving ging maar het leek kort te duren dus iedereen was bang dat er nog een vervolg zou komen. Niet lang daarna viel de stroom uit en zo stonden we met honderden mensen in het donker op straat. Via whats app en twitter kreeg iedereen al snel in de gaten dat het om een zware aardbeving ging met een kracht van 7 op de Schaal van Richter. Niemand wist precies wat te doen. Wel werd duidelijk dat het gevaarlijk werd want we zagen in de grotere gebouwen enorme scheuren en delen van hotels waren ingestort. Taxi’s en scooters scheurden met enorme vaart voorbij en de eerste politiewagens en ambulances reden door het dorp.

Ik besloot om terug te lopen naar mijn guesthouse. Daarvoor moest ik 500 meter een onverlicht pad af en gelukkig was er iemand op de scooter die terug wilde rijden om mij af te zetten. Het pad lag vol bakstenen en puin, afkomstig van de gebouwen en muurtjes. Bij het guesthouse zat iedereen op de grond in afwachting wat er ging gebeuren. Gelukkig was niemand gewond geraakt. Het was etenstijd dus bijna niemand zat in de huisjes. Daar waren daken ingestort en lag de grond vol met bakstenen, dakpannen en ander puin. Ik heb met behulp van een medewerker snel mijn backpack van binnen gehaald en toen ik terugkwam was iedereen verdwenen. Iemand van de naastgelegen moskee wees mij in de richting van een veld waar alle mensen naartoe waren gebracht. Daar stonden toeristen en lokale bevolking in onwetendheid af te wachten wat er ging gebeuren. Met name voor de kinderen was dit natuurlijk een angstige situatie. Wat niet hielp was dat veel lokale inwoners ineens begonnen te gillen en hardop te bidden. Iedereen vroeg zich af: wat weten zij wat wij niet weten? En waar zijn ze bang voor?

Al snel kregen diverse toeristen via familie en vrienden door dat er een tsunamiwaarschuwing was afgegeven. Op nog geen driehonderd meter van de zee was dit geen fijn bericht. Sommige mensen vroegen zich af of we niet snel de heuvel op moesten. De medewerker met wie ik de dag had doorgebracht op de motor had doorgebracht stond met een zaklamp te gebaren dat hij de heuvel opging met zijn gezin. Samen met een stel Nederlanders en andere toeristen besloten we hem te volgen. Eerst liepen we een trap op maar het ging snel over in een steil pad door het veld. Een lange stoet van mensen met zaklampen en hoofdlampen volgde onze weg. Bijzonder om te zien hoe op dat moment nog de ouderen en kinderen geholpen werden. Halverwege de klim werden de berichten over de Tsunami ernstiger en dat maakte dat het plotsling ‘ieder voor zich werd’. De Nederlanders was ik al kwijt en ik rende met een stel Polen de heuvel op. Onderweg pikten we nog wat kinderen uit het dorp op en het lukte maar net om een wat oudere Poolse vrouw mee de berg op te krijgen. Toen we niet hoger konden zaten we in groepjes bij elkaar op een grindpad, met onder ons de boulevard met hotels en de zee.

We wisten nog niet hoe groot de kans op een Tsunami was. Wel had iedereen de beelden op zijn netvlies staan van de ramp die zich in 2004 voltrok op oa Sumatra.  En misschien was dat wel het meest angstige moment van de dag. Omdat je niet weet wat er gaat gebeuren, maar wel dat je dichtbij het strand bent en hoopt dat je hoog genoeg zit om niet te worden meegesleurd, mocht er echt een vloedgolf als in 2004 aankomen. Het uitzicht op de zee in het donker maakte dat ook niet beter. Onderling bespreek je nog andere mogelijkheden, om bijvoorbeeld meer landinwaarts te gaan. Maar dat zou betekenen dat we het hele stuk weer omlaag moesten lopen. Dus besloten we op onze plek te blijven in de hoop dat het hoog genoeg was.

Gelukkig werd iedereen door het thuisfront goed op de hoogte gehouden. De Tsunamiwaarschuwing nam af en werd uiteindelijk ingetrokken. Maar het duurde nog wel een uur of twee voordat de meeste mensen echt overtuigd waren dat het niet zou gaan gebeuren. Beneden werden wat tentenkampen opgebouwd waar artsen de gewonden verzorgden. Omdat er regelmatig naschokken te voelen waren hadden wij geen behoefte om naar beneden te lopen en tussen de bomen en gebouwen in te zitten. Op de heuvel zaten verschillende groepjes mensen, te zien aan de hoofdlampen of vuurtjes die in de verte waren aangestoken. De Polen hadden een fles whiskey mee en om een uur of één ging die rond en konden we voor het eerst op een beetje ‘gezellig’ niveau praten.

Zeker door de naschokken durfde niemand een oog dicht te doen. Daarbij lagen de stenen ook niet heel lekker. Om 6.30 uur werd het licht en wandelden we naar beneden. Daar waren de eerste opruimwerkzaamheden al begonnen. Ongelooflijk hoe de bewoners meteen met elkaar puin aan het ruimen waren.

Mijn zus had vanaf haar vakantieadres in Australië een ticket voor mij geboekt naar Jakarta die avond. Dat bleek later groot geluk te zijn. Ik wist niet hoe de wegen erbij zouden liggen en dus was het zaak zo snel mogelijk vervoer te regelen. Dat lukte en om 8.00 uur was ik op het vliegveld. Onderweg zagen we de verwoestingen die de aardbeving had aangericht. Vooral in het begin bij Senggigi en Mataram. Daarna werd het gelukkig minder. Met name het noorden en de Gili-eilanden waren zwaar getroffen. Ik zou deze dag naar Gili Air zijn gegaan. Dat eiland is, op basis van verhalen van anderen, volledig verwoest. Op het vliegveld stonden lange rijen om tickets te bemachtigen. Mijn ticket kon niet worden vervroegd en dus moest ik tot 20.30 uur wachten. Ik besloot bij een stopcontact te gaan zitten zodat ik mijn telefoon kon opladen en met het thuisfront contact kon houden.

Achteraf gezien was dat in meerde opzichten een goede plek. Hoewel ik behalve een blik pringles niks te eten had kwam ik de dag hier goed door omdat veel mensen met verlengsnoeren en stekkers aansloten en tijdens het opladen van telefoons hun verhaal deelden. De eerste mensen van Gili kwamen terug en die hadden echt heftige dngen meegemaakt. Op de eilanden kun je geen kant op dus en alles was verwoest. Gelukkig waren zij met de eerste boten opgepikt.

Gedurende de dag werd ik via twitter gevraagd om te bellen met wat kranten en televisiezenders, en hen op de hoogte te houden van de gebeurtenissen op het vliegveld. Dat zorgde voor de nodige afleiding. Gevolg was dat veel mensen via die media ineens zagen waar ik was. en dat het goed ging.

Om 18.00 uur werden de rijen voor de incheckbalies langer en langer. Ik besloot vast in de rij te gaan staan, ook al stond mijn bestemming nog niet op de borden. Het was één groot gekkenhuis. Mensen stonden door elkaar heen te schreeuwen, iedereen wilde zo snel mogelijk inchecken en sommige Nederlanders stonden achteraan terwijl hun vlucht een halfuur later vertrok. De borden bleken al uren op dezelfde bestemming te staan dus je moest gewoon zo snel mogelijk naar voren zien te komen. Samen met wat andere Nederlanders verplaatsten we ons van de zijkant naar de achterste plek waar wel redelijke rijen waren gevormd. Daar ging het veel sneller en we waren op tijd met inchecken. Mooi was het om te zien dat iedereen die een boardingpass in handen kreeg met een grote lach op het gezicht richting douane liep. Alsof ze het mooiste verjaardagscadeautje ooit hadden gekregen. En zo voelde het ook.

Boven bij de gates aangekomen zaten honderden mensen te wachten. Onze vlucht had uiteindelijk ook twee uur vertraging maar op zo’n lange dag maakt dat weinig uit. Overigens lagen er in de hal honderden mensen die geen ticket hadden bemachtigd en wellicht nog één of meer dagen op het vliegveld moeten doorbrengen.

Om 23.30 uur vlogen we eindelijk richting Jakarta. Met een dubbel gevoel. Natuurlijk blij om weg te zijn van het eiland waar je angstige momenten hebt meegemaakt. En blij dat je zelf gezond bent en uiteindelijk er goed vanaf gekomen bent. Maar ook in de veronderstelling dat op het eiland veel leed is, een langere periode van opbouw nodig is en waar veel mensen zijn overleden, hun woning of hun bron van inkomsten  zijn kwijtgeraakt. Lombok en de Gili-eilanden leven van toerisme, en het vliegveld zat vol met mensen die zo snel mogelijk weg wilden.

Het is jammer dat de helft van de vakantie niet geworden is wat ik er van gehoopt had, maar ik ben blij dat ik vanavond op het vliegtuig naar Amsterdam stap en dan hopelijk gezond en wel richting Haarlem vertrek. Ik heb veel geluk gehad. Na zo’n bizarre gebeurtenis leer je snel wat belangrijk en onbelangrijk is in het leven, maar ook waar je vooral van moet genieten. Een bijzondere reis om op terug te kijken, en een goed verhaal op de eerste schooldag in groep 8.

Fijne vakantie allemaal en kom veilig thuis!

Hieronder enkele foto’s. Let niet op de kwaliteit want het is allemaal snel met de telefoon gemaakt, maar geeft toch een beeld. Ik krijg ze vanaf hier helaas niet gekantel.

Klik hier voor een filmpje, net na de beving op straat

 

 

Lombok dag 1

Na de mooie jungledagen op Sumatra was het tijd voor een nieuw eiland. Op zeer dringend advies van Jacqueline, en ook vanwege de beklimming van de Rinjanivulkaan. Deze trek had ik thuis al geboekt en moet een bijzondere belevenis zijn. Tot op 4000 meter hoogte de top van de vulkaan beklimmen en ook overnachten boven de 3000 meter. `Helaas liep het anders, zoals zoveel dingen tijdens deze vakantie.

Terug uit de jungle werd whats app overstelpt met berichten of alles wel goed met me ging. Een aardbeving op Lombok had namelijk veel verwoestingen aangericht op en rond de Rinjani. Ik was er gelukkig nog niet maar nam wel contact op met de eigenaar van het guesthouse waar ik zou verblijven. Zoals je kunt zien op de foto’s zijn de verwoestingen behoorlijk heftig. En de berg is dan ook de komende maanden gesloten. Heel vervelend want ik keek erg uit naar deze tocht, maar veel erger is het natuurlijk voor de lokale bevolking. Toerisme is daar een van de weinige bronnen van inkomsten en voorlopig kunnen ze dat dus vergeten. En veel ondernemers zullen hun guesthouse van de grond moeten opbouwen. Als dat al lukt want rijk kun je Indonesië niet noemen. Hopelijk blijft het de komende tijd rustig en krijgen ze genoeg hulp om het leven weer op te starten. Vanochtend kon je nog wel wat naschokken voelen. Dat stelde niks voor, maar toch apart om ineens die trillingen te voelen.

59AC7E8E-DCAF-4214-AC2C-29595A36266D

9B36C4F6-7F20-4126-B44A-22EAED5BD23E

Ik heb mijn reisplannen aangepast. Ik ben wel naar Lombok gevlogen maar zal de eerste dagen doorbrengen in het kustplaatsje Senggigi en daarna drie dagen verblijven op Gili Air.

Na een lange dag reizen (6.00 uur een rit van vier uur van Bukit Lawang naar Medan, daarna 7 uur vliegen via Jakarta naar Lombok en vervolgens een uur met de bus) ben ik inmiddels gearriveerd in Senggigi. Vanochtend met enige stress want ik probeerde een vierdaagse boottocht naar Komodo en Flores te boeken. De cabins waren bezet maar gelukkig was er nog plek op het dek. Vervolgens moest ik een vlucht regelen van Flores naar Jakarta omdat ik vanaf daar weer naar huis vlieg. Ik wilde graag vijf dagen op Flores blijven maar die hele week bleken alle vluchten volgeboekt te zijn. Ik moest naar het kantoor van Garuda op Lombok (20 minuten met de taxi) om vervolgens een vlucht te wijzigen zodat ik alsnog twee nachten op Flores kan blijven en dan om 7.00 uur (!!) kan terugvliegen via Bali naar Jakarta. Niet gepland, maar er zitten dus ook nog twee nachten Bali in het verschiet.

Aangezien dit gebeuren vrij lang duurde ben ik vanmiddag even met de camera op stap gegaan tot de zonsondergang te zien was (met de vulkanen op Bali in de verte). Vanavond ga ik naar Happy Café, een tip van Jacq. Het leuke van Lombok is dat er veel restaurantjes en bars zijn waar live muziek wordt gemaakt. De kwaliteit is hier vrij goed. Waar op Sumatra een Indonesisch bandje ‘Het is een nacht’ van Guus Meeuwis vrij hardhandig wist te verkrachten, zijn het hier echt muzikanten die spelen, al dan niet in redelijk Engels. Het leukste zijn toch wel de Indonesische liedjes. Gisteren probeerden ze regelmatig mij mee te laten zingen maar dat laat ik (voorlopig) nog even aan me voorbijgaan. Maar, zeg nooit nooit.

 

059400B8-983C-40D3-82A7-E79800C89F6A     BC7CFA78-60C0-4F28-911A-ECCB8B6EEAAE

14554656-D560-414B-B613-3D4F1910C331

74B95E3B-E404-4A8F-A3D4-50C2DC7A1363

Bukit Lawang: orang-oetans, jungle en een bloedzuiger

De afgelopen dagen was ik in Bukit Lawang, een dorpje in het noorden van Sumatra. Aan de overkant van de rivier ligt het Gunung Leuser Nationaal Park, één  van de twee plaatsen op de wereld waar orang-oetans nog in het wild leven. En daarnaast nog vele andere bijzondere dieren, zoals tijgers, neushoorns en olifanten.

Het nationale park is in het bijzondere jaar 1980 opgericht en in de afgelopen jaren hebben de toeristen steeds beter hun weg kunnen vinden naar Bukit Lawang. Dat is ook wel te zien aan alle guesthouses, restaurants en bars die langs de enige weg aan de rivier uit het niets opdoemen. Overigens is de weg hier naartoe lang, vanaf Medan ruim vier uur rijden over hobbelige wegen langs palmolieplantages en jungle. Het is goed om te vermelden dat die plantages steeds meer plek innemen omdat er toch nog veel producten zijn waarin palmolie wordt verwerkt. Voor ons allemaal iets om nog beter op te letten.

Ik verbleef de eerste nacht in de Garden Inn. Het laatste deel van de weg in Bukit Lawang rijden geen auto’s, de weg is daar te smal voor, dus ik werd heel vriendelijk opgewacht door Rinto die mij per motor richting het guesthouse bracht. Daar kreeg ik een prachtige kamer met ‘balkon’, uitzicht over de rivier en de jungle aan de overkant.

De volgende ochtend werd ik om 8.30 uur opgehaald om aan te sluiten bij een andere groep. De meeste ‘treks’ gaan in groepen, maar ze willen hier geen massatoerisme dus meer dan 4 mensen in een groep zie je zelden. Wij waren met zijn vieren: Peter en Linda uit Zweden, de gids en ikzelf. Via een wat wankele hangbrug liepen we de heuvel op waar het nationaal park begint.

De gids vertelde dat ze geen beloftes kunnen doen om de orang-oetans te zien aangezien zij wild in de jungle leven. Niet helemaal waar overigens, want er leven hier ook semi-wilde orang-oetans. Er is hier in het park een rehabilitatiecentrum waar orang-oetans, die gewond zijn, verlaten door hun moeder of verjaagd door stropers of illegale houtkap, worden opgevangen en daarna in de jungle worden vrijgelaten. Al na een kwartier lopen werd de eerste orang-oetan gespot. Ondanks  de gidsen die elkaar bellen waardoor er vrij snel een man of 30 met camera in de hand naar boven staan te kijken is dit echt wel een bijzonder moment. Het is prachtig om te zien hoe de vrij grote dieren eenvoudig van boom naar boom slingeren en af en toe even blijven hangen om te kijken naar de groep wezens die beneden op de grond hen staan aan te staren. Omdat deze orang-oetans in het rehabilitatiecentrum zijn geweest zijn ze gewend aan mensen en niet bang. Maar ze blijven op gepaste afstand. En houden van een geintje, want terwijl er een groep mensen stond te kijken vond een orang-oetan het een prima moment om naar beneden te plassen, vol over de groep heen.

575A44E6-277A-44BD-9F8A-BFD5495D0288      A8459599-ECFA-465D-9425-68F832DAA9E1

In het begin van de trek was het vrij druk, ook vanwege de eendaagse tours. Maar hoe verder we de jungle in gingen, hoe rustiger het werd. En dan was de jungle-ervaring eigenlijk het best. Het ging vrij steil op en neer en met ruim 30 graden was dat behoorlijk zweten. Maar de gids hield regelmatig stil om iets uit te leggen over de dieren, planten en bomen. Bijvoorbeeld welke planten in de geneeskunde werden gebruikt, hoe je via sporen dieren kon vinden, van welke boom tonic wordt gemaakt (de bast smaakte inderdaad bijzonder bitter), dat er mieren zijn die een vloeistof sproeien wanneer ze bedreigd worden en dat die vloeistof helpt tegen muskieten. Leerzame en welkome rustmomenten dus. En dan werd er ook nog uitgebreid tijd genomen om te lunchen (warme nasi of noodles en vers fruit).

FEBB96EF-E405-47D0-A287-274EC46106CD

Aan het eind van de middag arriveerden we bij het eerste kamp, langs de rivier. Daar konden we even bijkomen en een frisse duik nemen. We sliepen in koepeltentjes die weer onder een overkapping stonden. Gelukkig maar want vanaf een uur of zes begon het voor een aantal uur keihard te regenen. We aten bij een vuurtje onder de overkapping.

9E08E70F-4F15-4C8E-91BF-82609F3F958B

Na een wisselvallige nacht (wij Europeanen zijn niet helemaal gewend aan slapen op een soort yogamatje op de rotsen) trokken we de dag erna verder de jungle in. Weer zagen we wat orang-oetans en andere apen, zoals de thomaslangoer en de gibbon. Het ging steiler omhoog en omlaag vergeleken met de dag ervoor, maar het was ook veel rustiger waardoor je het gevoel had alleen in de jungle te zijn. Omdat het vrijwel de hele nacht geregend had was het nat en modderig, en dat maakte de kans op bloedzuigers groter. Natuurlijk was ik de gelukkige, maar vrij snel had de gids hem van mijn been gehaald. Dit keer kwamen we iets vroeger aan bij het tweede kamp, waar we weer konden zwemmen. Terwijl we na het eten bij een vuurtje zaten kwam er een andere gids voorbij om de cobra te laten zien die hij had gevangen. Daarna hoorden we een harde knal en bleek een boom te zijn omgevallen op een tent verderop. Gelukkig zaten er nog geen mensen in en konden de slaapplekken verplaatst worden. Aan de overkant zag Linda ineens iets lopen en door met een hoofdlamp te schijnen zagen we de ogen van een wilde kat. Behoorlijk knap hoe hij zich in het donker door de jungle kan verplaatsen.

De volgende ochtend was er genoeg tijd om nog even te relaxen, waarna we de terugreis konden starten. Niet wandelend, maar op tubes over de rivier. We zaten in grote banden met aan weerskanten de gidsen, die met stokken konden voorkomen dat we tegen de rotsen aan knalden. Door de hevige regenval zat er genoeg water in de rivier, daardoor waren er gelukkig genoeg stroomversnellingen. Een soort pirana van de Efteling dus, maar dan echt en met mooier uitzicht. Overigens hadden de Zweden helmen en zwemvesten besteld, wat tot grote hilariteit onder de gidsen zorgden. Dat hadden ze niet eerder meegemaakt, en was ook totaal overbodig. Maar onze gids had de avond ervoor al verteld dat Zweden bekend staan om hun overdreven drang naar veiligheid.

B30451E8-2472-458B-98B7-97268A2180F9

Ik werd precies voor mijn guesthouse afgezet waar de douche na drie dagen trekking een welkome afsluiting was.

Deze tocht kan ik iedereen aanraden. Niet alleen zie je en leer je veel van de jungle en de verhalen van de gids, ook de avonden en gesprekken met de andere toeristen en gidsen zijn bijzonder. Je leert elkaar en elkaars culturen beter kennen en doet zo nu en dan nog eens handige adresjes in het buitenland op. Dus mocht je nog eens naar Indonesië gaan, vergeet niet Sumatra te bezoeken en dan in het bijzonder Gunug Leuser National Park. Het is de vlucht en autorit zeker waard.

6A033C9B-F532-4342-A470-B02933E97F02      9DD66715-DF74-4ADA-B5B3-D5C60A6EAE7D

A139AB3D-4113-492C-9A30-5428986D1365

 

96DE59D9-6B00-4F5E-86EB-2A85535D0B95

 

ADF3BF9F-01E0-4230-A80D-96F58735B016

Vakantie Indonesië, een kort verhaal

Vandaag vertrek ik voor enkele weken naar Indonesië. Oog in oog komen te staan met orang-oetans, de Rinjani-vulkaan beklimmen, een boottocht over zee maken naar Komodo en Flores en wellicht nog ergens een relaxt strandje opzoeken om echt bij te komen na een lang schooljaar. Dat moet wel een prachtvakantie worden!

Wanneer ik in de vakantie alleen op pad ga, krijg ik veel reacties van mensen waaruit blijkt dat ze het knap, stoer, dapper vinden. Natuurlijk, het is spannend om op jezelf aangewezen te zijn. Om je aan te passen aan het onbekende. Om problemen zelf op te moeten lossen. En ondanks alle mooie indrukken is het af en toe lastig om alleen in een restaurant te eten of ontbijten. Maar bovenal is het toch vooral een luxe om zo’n mooie reis te kunnen maken. Luxe, bijzonder, spannend, indrukwekkend. Dat zijn bewoordingen die ik vind passen. Maar knap..? Nee.

Wat voor mij knap is? Dat je je leven met iemand kunt delen en de zorg voor kinderen op je neemt. Dat je je eigen dromen soms laat varen omdat je je verantwoordelijkheid neemt. Om je kinderen op te voeden en al je aandacht en energie in je relatie te steken. Dat je jaarlijks vier weken met de tent, vouwwagen of caravan op pad gaat en je kinderen van jongs af aan meeneemt de bergen in. Om te wandelen, kanoën, dorpjes bezoeken of live de Tour te kijken. Dat je je eigen leven aanpast om het zo goed mogelijk te doen voor een ander.

Mijn ouders, mijn zus en haar man, en waarschijnlijk met hen vele anderen als ik zo op Facebook de vakantiefoto’s voorbij zie komen.

Die vind ik pas knap, stoer en dapper.

 

Ik hoop de komende weken te genieten van een nieuw, onbekend land. En op mijn site zal ik regelmatig foto’s en verhalen posten voor eenieder die het leuk vindt om deze vakantie een beetje te volgen. 

Groot tekort aan leerkrachten.. Of groot tekort aan daadkracht en investering?

We hadden het kunnen weten. Nu een kwart van de basisscholen niet  kan starten met een leerkracht voor elke groep is het ineens groot nieuws. De kranten staan er vol mee, het NOS journaal maakt er een groot item van en op twitter gaat het los. Iets met ‘als het kalf verdronken is’..

Wat worden we moe van het gezeur de afgelopen jaren rondom het onderwijs. Het niveau is niet hoog genoeg, stakingen zijn onnodig, de eis van de basisschoolleerkrachten om hetzelfde salaris te krijgen als hun collega’s uit het voortgezet onderwijs wordt gezien als overdreven, leerkrachten hebben teveel vakantie..  Maar nu  duizenden kinderen begin volgend schooljaar zonder juf of meester in de klas starten is er ineens volop aandacht. Misschien gaat het  ook om kinderen van de politici en journalisten zelf?

Wat denkt men nou? Dat leerkrachten voor hun lol staken? Dat ze niet al jaren de problemen zien groeien in het onderwijs? Dat er voor niks een eigen vakbond in het leven is geroepen en #poinactie regelmatig trending is? Nee, dit zien wij al jaren aankomen. Had daar eens wat vaker naar geluisterd en over geschreven.

Leerkrachten werken niet alleen om te werken, maar ook omdat ze een waardevolle bijdrage willen leveren aan de samenleving. Aan de toekomst, van ons allemaal. Daar zijn kleinere klassen voor nodig. Daar is op zijn minst een leerkracht voor elke groep voor nodig. En ja, dat kost geld. Dat heet investeren.

Het aantal burn-outs is hoog. Het aantal leerkrachten dat naar het VO gaat groeit. En logisch, want daar verdien je meer met hetzelfde werk. Het aantal onbevoegde leerkrachten voor de klas neemt toe. Zelfs klassenassistenten en concierges worden voor de groep gezet, om de kinderen maar niet naar huis te sturen. Maar vraag jezelf eens af wat dit betekent voor het onderwijsniveau..

In een rijk land als Nederland gaat de discussie nu over het feit of er wel leerkrachten genoeg zijn om alle groepen les te kunnen geven. Een lachertje.

Oplossingen zijn er genoeg. Gedreven leerkrachten zijn er nu nóg wel. Er is nog niemand echt verdronken. Maar voorlopig blijft het bij emmertjes water omhooghalen. Het dempen van de put laat op zich wachten..

Laat de politiek het zich maar aanrekenen dat dit ten koste gaat van duizenden kinderen in dit land.

Schandalig.

Megaklassen, ophokplicht en Luizenmoeder

Megaklassen. Ja, u leest het goed, het ministerie denkt serieus na over megaklassen. Er is een tekort aan leraren. Nu kun je dat probleem oplossen door meer leraren aan te trekken, zou je denken, maar het ministerie doet tegenwoordig aan ‘omdenken’: hoe groter de klassen, hoe minder leraren. En dan was daar deze week natuurlijk de griepprik. Want als we de leraren inenten worden er minder ziek, en is het tekort ook snel weg.

We dachten dat het niet erger kon. Maar als er op deze wijze wordt doorgedacht, hebben we het over een maand over de plofklas. Geen bio-industrie maar onderwijs-industrie. Voor je het weet krijgen we een partij voor de leerkrachten: voor duurzaam onderwijs en tegen ophokplicht.

Misschien moet het ministerie zich eens richten op de oorzaken van het lerarentekort. Waarom is het aantal burn-outs in deze sector zo hoog? Waarom stoppen jonge leraren na een paar jaar werken? Heeft dat misschien met werkdruk te maken? Met de beperkte mogelijkheden tot doorgroeien? Met de grote klassen waar kinderen op bijna individueel niveau geholpen moeten worden, ondanks het feit dat er sinds de wet Passend Onderwijs meer kinderen met specifieke zorg in de klas zitten? Heeft het te maken met de hoge verwachtingen van ouders, besturen, politiek en maatschappij? Meer eisen, minder faciliteren? Komt het doordat je met hetzelfde opleidingsniveau in het voortgezet onderwijs veel beter verdient en dus beter daar kunt gaan werken?

Genoeg om over na te denken, maar de wetgever lijkt al jaren in dezelfde tunnel te rijden, zonder naar de omgeving te kijken en een nieuwe afslag te durven nemen.

Een eenvoudige tip: als er een tekort aan leraren is zal je moeten zorgen dat er méér leraren komen. Opgeleide leraren welteverstaan, want de kwaliteit willen we ook nog eens hoog houden. Dat betekent goede en aantrekkelijke opleidingen. Begeleiding voor startende leraren. Mogelijkheden om door te groeien. Een salarisschaal die gelijk is aan docenten op het VO. Klassen van rond de 23 kinderen, zodat je elk kind de aandacht kunt geven die het verdient. Mét klassenassistenten. En zo kan ik nog wel even doorgaan.

Overigens mag de leerkracht zelf ook wel aan de bak. Want hoewel De Luizenmoeder op hilarische wijze het onderwijs weet neer te zetten, teveel is herkenbaar in de praktijk. Zorg als leerkracht dat je je vak serieus neemt. Blijf jezelf scholen. Uitdagen. Klaag niet over wat er allemaal mis is. Neem je verantwoordelijkheid en doe er wat aan. Durf te leren en te reflecteren. Samen maak je het onderwijs beter. Pas dan dwing je respect af.

 

Leestip: https://www.aob.nl/nieuws/acht-vragen-over-megaklassen-met-assistenten/

Leestip: https://www.bndestem.nl/breda/lerarentekort-straks-zit-je-kind-1-a-2-keer-per-maand-thuis~aa016a5f/

Onderwijs is prachtig, en belangrijk. Dat ziet de leerkracht wel, maar de bestuurder niet.

Het is allemaal niet zo ingewikkeld. Kinderen die nu op de basisschool zitten vormen de toekomstige generatie. Een generatie die opgroeit in een welvarend, goed ontwikkeld land. Een klein land met relatief grote invloed. Kansen genoeg. En dat is nodig ook, gezien de problemen waar wij nu en zij in de toekomst mee te maken krijgen. Denk aan vergrijzing, maar ook aan wereldproblemen zoals klimaatverandering, oorlogsgeweld en armoede. Willen we de toekomstige generatie klaarstomen voor deze uitdagingen, waar wij medeverantwoordelijk voor zijn, dan vraagt dat om een investering. Willen we dat Nederland zo ontwikkeld en welvarend blijft zoals het nu is, dan vraagt dat om een investering. In goed onderwijs.

Als wij goed en passend onderwijs willen geven, dan zijn daar ook goede en passende middelen voor nodig. Klassen met 24 kinderen in plaats van 30. Voldoende ICT-middelen. Meer onderwijsondersteunend personeel. Minder administratieve lasten.

Als wij ons onderwijs en de toekomstige generatie echt serieus nemen, dan investeren we in de mensen die het werk uitvoeren. Goed opgeleide leerkrachten. Willen we deze leerkrachten behouden, dan investeren we in een passend salaris. En ja, dan is het verkeerd om te spreken van ‘nog meer geld. Want, en dan kijk ik met name de VVD van Mark Rutte aan, de kabinetten van Rutte en Balkenende hebben liggen slapen. Jarenlange nullijn, het verschil in salaris van docenten in het VO en leerkrachten in het PO laten oplopen. Maar daarentegen wel staan voor de invoering van passend onderwijs waarbij de verschillen in ontwikkeling van kinderen in één klas verder zijn opgelopen. Meer vragen van de leerkracht, minder faciliteren om dit werk goed uit te voeren.

Te weinig wíllen doen om het onderwijs echt een impuls te geven. Willen doen, want het gaat om hier om politieke keuzes.

En daarom staak ook ik.

Want ik maak mij zorgen. En met mij vele anderen. We zien het nu al gebeuren: teveel uitval van (ook startende) collega’s door burn-outs, teveel kinderen in één klas, te weinig leerkrachten in de toekomst om alle klassen te voorzien.

Onderwijs is prachtig, en belangrijk. Dat ziet de leerkracht wel, maar de bestuurder niet.

Onderwijs doet ertoe, voor ons allemaal

Ik mag dan wel met griep op bed liggen, maar ben in gedachten bij de collega’s die vandaag staken. Want we kunnen zelf blijven zeggen dat leerkracht basisonderwijs een prachtig beroep is, het wordt tijd dat anderen dit ook onderkennen en waarderen. Te beginnen vandaag met de politiek.

Door de middelen te geven om klassen te verkleinen en de werkdruk te verlagen.

Door het salaris gelijk te trekken aan dat van de leerkrachten die op het voortgezet onderwijs werken. Omdat dat niet meer dan logisch is. En om het vak aantrekkelijker te maken zodat het leerkrachtentekort afneemt ipv toeneemt.

En dan zijn we er nog niet. Want het vak moet weer een serieuze status krijgen in Nederland. En daar moet nog veel voor gebeuren. Bij de ouders, door in te zien dat hun kind niet de enige is in een klas van 30 en door vertrouwen te hebben dat hun kind de juiste en passende aandacht krijgt. Maar natuurlijk ook bij ons, de leerkrachten zelf. Door te staan voor ons vak, door dat vertrouwen van ouders te verdienen.

Dat begint vandaag. Staken omdat het tijd is voor verandering. Voordat het echt te laat is.

Het onderwijs doet ertoe, voor ons allemaal.

#poinactie #staking #onderwijs